Archief

Uit de schatkist van Chassidische verhalen

Parasjat Wajjesjev

Rabbi gearresteerd wegens pro-Israël activitieten
Door Hershey Novack

In 1798 werd Rabbijn Schneur Zalman van Liadi (1745-1813) gearresteerd door de de regering van de Tsaar van Rusland en beschuldigd van verraad omdat hij Joodse nederzettingen in Israël gesteund zou hebben. In die tijd vormde het Land Israël  een deel van het Ottomaanse Rijk, waarmee Rusland in oorlog was.

Rabbi Schneur Zalman was een volgeling en later een leider van de vroege Chasidische gemeenschap in Oost Europa, waarvan Rabbi Israël Ba’al Sjem Tov in 1734 de grondlegger was. Tegen het einde van de 18de eeuw waren hele Joodse gemeenschappen volgelingen van het Chasidisme, dat de nadruk legde op ernst, gepassioneerd gebed, zorgvuldige naleving van het Bijbelse voorschrift om je naaste lief te hebben als jezelf, en de nadruk die het legde op de Kabalistische betekenis van het Joodse geloof, en strikte naleving van de Joodse wetten. Deze filosofische benadering hielp duizende Joden uit de werkende klasse hun zelf respect te hervinden, en begon ook te resoneren onder de geleerden. Echter, velen van de geleerde elite hadden het gevoel dat de opkomst van het Chasidisme het einde zou inleiden van hun invloed op de Joodse gemeenschappen. De uitkristallisering van Rabbi Schneur Zalmans tak van de Chassidische beweging, Chabad, en de publicatie van zijn filosofisch meesterwerk, de Tanja, bracht de zaken aan het rollen. Sommige Joodse leiders begonnen een samenzwering te smeden tegen de prille beweging.

In 1777 maakte een groep van vooraanstaande Chasidische leiders alia en vestigden zich in Tsfad en  Tiberias in het noorden van Israël. Rabbi Schneur Zalman wilde hen vergezellen maar de groep drong er bij hem opaan om in Rusland te blijven om de beweging te leiden. Zij realiseerden zich ook dat zij financiële hulp nodig zouden hebben van de gevestigde Joodse gemeenschappen in Europa. Daarop accepteerde Rabbi Schneur Zalman de verantwoordelijkheid om fondsen in Europa in te zamelen om die te sturen naar de nieuwe Chasidische gemeenschap in Israël.

In 1798 zagen de tegenstanders van de Chasidische beweging hun kans schoon. Zij beschuldigden bij de Russiche regering Rabbi Schneur Zalman ervan dat hij geld stuurde naar Israël om de Turkse vijand te steunen. Rabbi Schneur Zalman werd gearresteerd en in een speciale zwarte koets, die gereserveerd werd voor de zwaarste misdadigers, meegenomen naar de beruchte gevangenis in Petersburg.

Dus 150 jaar voor de oprichting van de Staat Israël werd er al een Chabad-rabbijn gearresteerd voor de misdaad dat hij de Joodse vestiging in het Heilige Land steunde.

Na 53 martelende dagen in de gevangenis, en na veel onderzoek en ondervragingen werd de beschuldiging verworpen en Rabbi Schneur Zalman werd in vrijheid gesteld. Tot op deze dag, gedenken zijn volgelingen de dag van zijn bevrijding, de – 19de Kislev – als een feestdag, want het vormde de beslissende ommezwaai in de ontwikkeling van Chabad Lubavitch.

Rabbi Shneur Zalmans geestelijke nalatenschap leeft voort in het Israël van vandaag. Israëls grootse kfar (dorp) ligt tien minuten ten zuidwesten van Tel Aviv. Het wordt voor het grootste deel bevolkt door Chabad Chasidiem, en het heet, heel toepasselijk Kfar Chabad. Chabad onderhoudt een groeiend netwerk van opvoedkundige, sociale en godsdienstige activiteiten met bijna 300 centra in alle delen van Israël.

In Tiberias, is een begraafplaats waar de grafstenen meer dan 200 jaar oud zijn. Vele van de achternamen op de grafzerken zijn afkomstig uit dorpen uit Wit-Rusland, van waar deze dappere Joden vandaan kwamen. Dat zijn de overblijfselen van de Chasidische alia, die gefinancierd werd door de persoonlijke opofferingen van Rabbi Schneur Zalman. En in Jeruzalem kan men van de Kotel plaza, de "Kollel Chabad" soepkeuken voor de behoeftigen zien, een tak van diezelfde liefdadigheidsinstelling die Rabbi Schneur Zalman meer dan 200 jaar geleden financierde.

õ  õ  õ

Wat is dat voor een droom die je gedroomd hebt?” (Bereisjiet 39:10)

Reb Sjlomo Zalman van Kopust, bekend als de auteur van Mageen Awot, zei eens: „Er gaat geen nacht voorbij waarin mijn overleden grootvader [Reb Menachem Mendel van Lubavitch] niet in mijn dromen verschijnt. Iedere nacht geeft hij mij een sjioer over chasidisme en dat herinner ik mij achteraf altijd heel goed. Maar ik heb die verhalen nooit in mijn eigen chasidische lessen gebruikt. Ten slotte, een droom is maar een droom...