Index

Home


HET JOODSE GEZINSLEVEN
Door: O. Ben-Perach


 Aflevering 18 

HILCHOT TEWIELA

Vandaag willen we de halachot (wetten) van de tewiela behandelen.

Tijd van de tewiela

Na tseet hakochawiem (het verschijnen van de sterren), wanneer het buiten donker is, kan de tewiela in het mikwe plaats vinden.

Wanneer de vrouw klaar is met de voorbereidingen en de na-controle, dan roept ze de ballaniet (mikwevrouw) met een bel of een ander afgesproken teken. De eigenlijke taak van de ballaniet is, om er op te letten dat tijdens de tewiela de vrouw helemaal onder water is en er zelfs geen enkele haar boven blijft. Want als er ook maar een haar boven het wateroppervlak uit komt, blijft de vrouw nidda en is al haar moeite voor niets geweest. In de praktijk echter helpt de ballaniet bij alle delen van de laatste fases, zoals de ijoen (na-controle), en kijken op de plekken waar de vrouw zichzelf moeilijk kan controleren b.v. op de rug.

Hierna loopt de vrouw naar het mikwe op schone rubberen slippers. Deze zijn meestal in de bad/kleedkamer aanwezig. Dit is om haar voeten schoon te houden.

In het water staande is het aan te bevelen om voor de tewiela die plekken waar het water misschien niet goed bij komt, alvast met mikwewater nat te maken. Zoals b.v. onder de oksels.

De houding tijdens de tewiela

Het lichaam moet tijdens de tewiela los en ontspannen zijn opdat het water overal goed kan doordringen:

•   mond en ogen dicht maar niet te stijf gesloten.

•   armen wat naar voren uitgestoken en vingers gespreid.

•   De benen wat van elkaar.

•   De rug wat gebogen als bij het kneden van deeg.

Bij de tewiela gaat het lichaam in een keer helemaal onder water.

De bracha (lofzegging)

Omdat de tewiela een mitswa (gebod) is, zegt de vrouw voor de tewiela een beracha. Net zoals men een beracha zegt voor andere mitswot, zoals sjabbat-kaarsen, tefilien, etc. Mannen zeggen echter, als zij voor het gebed, of op erev Sjabbat / Jom Tov, naar het mikwe gaan, geen beracha, omdat voor hen de tewiela geen mitswa is maar slechts een mooie minhag (gebruik).

Er zijn twee minhagiem (gebruiken) betreffende de plaats waar de beracha wordt uitgesproken.

•   De Sfardische vrouwen die volgens de uitspraken van Rabbi Josef Karo handelen, zeggen de beracha voor ze het mikwe instappen. Daartoe bedekken ze zich eerst met een badjas met capuchon, gieten hun handen over (3 keer afwisselend iedere hand) en zeggen vervolgens de beracha.

•   De Ashkenazische vrouwen handelen volgens de Rama (Rabbi Moshe Isserlisch) en zeggen de beracha staande in het water. Aldus handelen ook die Sefardische vrouwen die volgens de Ben Iesh Chai gaan. De volgorde is dan als volgt: Een tewiela, beracha, nog een tewiela. Bij het zeggen van de beracha maakt de vrouw een afscheiding tussen boven- en onderlichaam door haar armen onder haar borsten te vouwen daarbij ervoor zorgend dat de handen het lichaam niet aanraken. De ballaniet houdt een handdoek boven haar hoofd opdat haar hoofd bedekt is tijdens het zeggen van de beracha.

De bracha luidt als volgt:

Baroech ata Ado… Elo… Melech ha’olam, asjer kidesjanoe bemitswotav wetsiewanoe al hatewiela.”

Volgens de halacha is één tewiela na de beracha voldoende, maar er zijn vrouwen die meerdere tewielot op zich nemen na de beracha. Deze vrouwen doen er goed aan om dat “bli neder” (zonder gelofte) op zich te nemen, zodat als ze, om wat voor reden dan ook, eens niet in staat zouden zijn om die meerdere tewielot te doen, ze geen hatarat nedariem (het ongeldig verklaren van geloften voor drie mannen boven de bar-mitswa) hoeven te doen. Er zijn vrouwen die na de tewiela een heel korte tefilla zeggen voor de herbouw van de Tempel. Verder is dit een mooi moment om persoonlijke gebeden uit te spreken. De tewiela is n.l. een “eet ratson”, een tijd van welwillendheid, G’d is in het bijzonder dichtbij, en verhoort de gebeden. Een goede gelegenheid dus om het hart te luchten. (Wel moet men er op letten dat de tefillot niet te veel tijd nemen omdat er nog andere vrouwen op hun beurt zitten te wachten.)

Na de tewiela zegt de ballaniet: ,,kasjer!” Tegelijkertijd wordt er in de Hemel ook ,,kasjer” uitgeroepen. De vrouw is nu rein.

Men doucht zich niet na de tewiela.

Twijfels na de tewiela

Het kan gebeuren dat een vrouw na de tewiela nog ergens een chatsitsa ontdekt die ze vergeten is te verwijderen. Wanneer ze nog in het gebouw van het mikwe is kan ze nog een tewiela zonder beracha doen. Ze moet echter niet na de tewiela nog chatsitsot gaan zoeken. Er wordt op de vrouw vertrouwd dat ze de hele procedure met overgave volgens de halacha heeft gedaan en dat is voldoende. Een tip voor vrouwen die onzeker van zichzelf zijn: Eet iets meteen na de tewiela (een toffie of een appel), en neem een zakje met zand mee. Wrijf de handen met zand in. Op deze manier kunnen eventuele chatsitsot aan handen en tussen tanden aan het zand en de appel worden verweten. Zo kunnen onnodige zenuwen worden voorkomen.

Ook wat de tewiela zelf betreft kan ze er van op aan dat ze die juist heeft gedaan, de ballaniet heeft toch ,,kasjer” gezegd.

De Ramban schrijft hierover, bij het einde van Rambams Hilchot Nidda: ,,Inzake chatsitsa is het niet goed als men te machmier is (strikter is dan volgens de halacha noodzakelijk), of twijfelachtigheden zoekt om de tewiela ongeldig te verklaren wegens het minste geringste, want dan is het einde zoek. Maar nadat ze haar haar gewassen en met een kam uitgekamd heeft, en haar hele lichaam met warm water gewassen heeft en de tewiela juist heeft uitgevoerd enz., … moet men het hoofd niet steken in ernstige twijfels waaraan geen einde komt. Zoals: heeft ze haar ogen niet te stijf dichtgeknepen of haar lippen te hard op elkaar geperst, want wie kan er nu onderscheid maken tussen ogen die dicht zijn en ogen die te stijf dicht zijn?”

Wanneer de vrouw weer aangekleed is, moet ze haar handen met een speciale beker overgieten. Drie maal om beurten over iedere hand.

Eenmaal thuis gekomen moet ze haar man laten weten dat ze rein is, alvorens hij haar mag aanraken. Hij kan vragen of ze tewiela heeft gedaan, of ze kan het uit zichzelf zeggen. Dit is omdat het kan voorkomen dat de vrouw op weg is gegaan naar het mikwe maar ze verhinderd was om de tewiela te doen en onverrichter zake weer thuis is gekomen. (B.v. ze had autopech of er was een probleem met het mikwe zodat die niet gebruikt kon worden, enz.)  In deze gevallen komt ze thuis maar is nog steeds onrein. Ze moet dan natuurlijk alsnog haar best doen om die zelfde avond haar tewiela te doen.

Een vrouw moet oppassen om niet voor de grap tegen haar man te zeggen dat ze geen tewiela heeft gedaan, of dat ze weer onrein is geworden. Als ze wel zo’n grap heeft gemaakt moeten ze een rabbijn raadplegen hoe te handelen.

Het mikwe niet uitstellen

De tewiela mag in principe niet worden uitgesteld anders dan in speciale gevallen. Ook dan moet de man akkoord gaan en een rabbinale uitspraak worden gevraagd. Wanneer de vrouw op tijd naar het mikwe gaat, vervult ze haar mitswa op de volmaakte manier. Vrouwen doen hun uiterste best om ook in moeilijke omstandigheden op tijd naar het mikwe te gaan.

š   De tewiela van Riwka viel precies op de avond van de chatoena van haar dochter. Haar man had haar voorgesteld om de tewiela uit te stellen tot de volgende avond wanneer zijn vrouw minder onder druk zou staan, maar Riwka wilde daar niet van weten. Ze had met de ballaniet van het naastgelegen mikwe afgesproken dat wanneer ze er even tussenuit kon wippen, ze naar het mikwe zou komen en de ballaniet haar meteen de tewiela zou laten doen. Na de choepa, in de drukte waarin het bruidspaar naar de cheder jichoed (de kamer waar  het bruidspaar alleen in gaat na de choepa) werd begeleid, rende Riwka naar het mikwe en was weer terug nog voor het bruidspaar uit de cheder jichoed kwam. Niemand had haar verdwijnen opgemerkt.

š   Op de avond van haar tewiela voelde Channa zich erg ziek, ze had hoge koorts. De rabbijn zou haar zeker toestemming geven om de tewiela uit te stellen tot ze zich beter zou voelen. Channa wilde ondanks alles toch haar mitswa vervullen. Toen ze uit het mikwe kwam was haar koorts gedaald en voelde ze zich veel beter.

Wanneer een vrouw op tijd naar het mikwe gaat, komt haar een speciale nesjama (ziel) toe die voor haar naar deze wereld komt, en als ze niet op tijd gaat kan ze deze nesjama mislopen.

Vooral op leel Sjabbat (vrijdagavond) dalen heilige nesjamot af naar deze wereld (naar uitspraak van de Ben Iesj Chai i.n.v. de Arie Hakadosj) en daarom moet een vrouw zeker op vrijdagavond haar tewiela niet uit stellen. Wanneer er kleine kinderen in huis zijn waar op gepast moet worden, is het beter dat de man niet naar sjoel gaat zodat zijn vrouw naar het mikwe kan gaan, dan dat zij haar tewiela uitstelt.

Een vrouw mag haar tewiela absoluut niet gebruiken als middel om haar man te straffen of te manipuleren. Het kan gebeuren dat het echtpaar onenigheid heeft op de dag voor of op de dag van de tewiela. De vrouw mag dan niet haar man straffen door niet naar het mikwe te gaan. Haar mitswa is n.l. niet alleen tegenover haar man maar ook tegenover G’d. De avond van de tewiela is G’ddelijk bepaald. De juiste manier van handelen in zo’n geval is om de onenigheid bij te leggen, allebei het hoofd te buigen en de tewiela in Sjalom tegemoet te treden.

Er wordt een verhaal verteld over een vrouw die zaken met haar man deed over haar tewiela. Als hij voor haar kocht wat ze verlangde, ging ze naar het mikwe, en zo niet dan ging ze niet. Na haar dood verscheen ze in een droom aan de vrouw van de rabbijn en verzocht haar om aan alle vrouwen uit de stad bekend te maken, dat voor iedere keer dat ze haar man gestraft had door de tewiela uit te stellen, ze haar in de hemel in een mikwe van vuur hadden ondergedompeld.

Avonden waarop men niet naar het mikwe gaat

Er zijn twee avonden in het jaar waarop er geen tewiela mag plaats vinden, te weten: Kol Nidree avond (ingaande Jom Kipoer) en ingaande Tisj’a be’av. Als de tewiela op een van deze avonden valt wordt de tewiela een etmaal uitgesteld.

Wanneer de echtgenoot niet thuis is

Wanneer de echtgenoot ver weg is op de avond van de tewiela en het is zeker dat hij die avond niet thuis komt, dan stelt de vrouw haar tewiela uit tot de avond voor hij thuis moet komen. Maar als er een kans bestaat dat hij toch onverwacht thuis komt, dan gaat ze op de juiste tijd naar het mikwe.