Index

aanmelden

Home


HET JOODSE GEZINSLEVEN
Door: Orli ben-Perach (Evers)-Weyel

Aflevering 20                              Heb lief op afstand  (II)

 

 

In de Tora staat geschreven (wajikra 18:19): ,,Een vrouw in haar onreine afzonderingsperiode (nida) zul je niet benaderen om haar intieme delen te ontbloten.” In deze aflevering proberen we deze pasoek te begrijpen.

Deze pasoek, die over nida handelt, staat in een afdeling waarin de Tora waarschuwt voor het begaan van de grote zonde van giloei arajot (het aangaan van verboden relaties), hetgeen overeenkomst tussen beide suggereert. In de gemara wordt echtelijke samenleving met een nida dan ook vergeleken met overspel. Ook uit de zware straf die staat op het samenleven met een nida, n.l. kareet, kunnen we de ernst van de zaak opmaken. Er zijn echter enkele verschillen tussen overspel en samenleving met een nida:

·      Kidoesjien (huwelijksvoltrekking volgens de halacha) is niet geldig in geval van overspel, maar een choepat nida (huwelijksvoltrekking wanneer de bruid nida is) is wel mogelijk (aan zo’n choepa zijn echter speciale halachot verbonden).

·       Kinderen die geboren worden uit verboden relaties kunnen mamzeriem zijn, maar uit een samenlevig met een nida niet.

·     Na overspel mag een vrouw niet meer terug naar haar echtgenoot noch mag ze bij de andere man blijven. Een nida mag weer met haar echtgenoot samen zijn nadat ze volgens de halacha in het mikwe is geweest.

De bovenstaande pasoek verschilt toch iets van de andere pesoekiem die over giloei arajot gaan. De Tora gebruikt de woorden lo tikrav = je zult niet naderen.

In het genoemde stuk over giloei arajot, dat vooraf gegaan wordt door de pasoek: ,,Niemand mag tot een van zijn naaste bloedverwanten toenadering zoeken teneinde tot sexueel contact te komen. Ik ben de Eeuwige” (wajikra 18:6, vertaling J.Dasberg) komt dezelfde term voor:  lo tikrewoe = jullie zullen geen toenadering zoeken. Hier is de bedoeling:  toenadering tot de sexuele daad zelf. In de pasoek over nida, echter, wil de Tora met de woorden lo tikraw nog iets anders leren:

 ·     De Tora spreekt tegen een echtpaar. Want in gevallen van verboden relaties voorkomt het verbod van “jichoed” (het zich samen in een ruimte afzonderen) al dat de man en vrouw in de verleiding zouden komen om elkaar te benaderen. Echtgenoten mogen wel in de nidaperiode samen in een afgesloten ruimte verblijven en daarom hebben zij dan die extra waarschuwing nodig om elkaar niet te benaderen.

·    Het verbod van nida-samenleving staat in zeer scherpe taal ergens anders in de Tora (wajikra 20:18): ,,En wanneer een man een vrouw in haar maandelijkse ongesteldheid bijwoont…… en zij beiden zullen uitgeroeid worden uit het midden van hun volk.” In onze pasoek echter, gebruikt de Tora een mildere taal “je zult niet benaderen”. Daaruit kan geleerd worden dat de Tora voornamelijk op een ander verbod duidt. De Tora heeft een omheining om de wet gemaakt en verbiedt in onze pasoek iedere aanraking (“benaderen”). Dit is om ons te beschermen en te voorkomen dat men er toe komt de grote overtreding van samenleving te begaan. Het elkaar omhelzen en kussen in de nidaperiode is dus een Toraverbod en is net zo ernstig als het eten van varkensvlees en treefot.

De geleerden die de psyche van de mens kennen, hebben het verbod gedetailleerd om te voorkomen dat men zelfs in gedachten de overtreding zou begaan. Die detaillering wordt verwoord in de “dinee harchakot” - de halachot die man en vrouw fysiek van elkaar verwijderen.

De Tora zelf gebiedt ons om de geboden van de geleerden stipt op te volgen: ,,Volgens de verklaring van de Tora die zij [de geleerden] je instrueren, en volgens de rechtsuitspraak die zij je zullen zeggen, moet je handelen; wijk niet naar rechts noch naar links af van de uitspraak die zij je mededelen” (dewariem 17:11).

 *

In de gemara (ketoebot 61a) wordt gesproken over een situatie waarin een man zich financieel kan veroorloven om dienstbodes in huis te nemen, die al het huishoudelijk werk doen zodat zijn vrouw haar dag in een luie stoel kan doorbrengen. Hierop zei Rav Jitschak bar Channanja in naam van Rav Hoena: Ondanks het feit dat de vrouw des huizes niets hoeft te doen zijn er drie dingen die ze voor haar man doet:  a) Ze schenkt hem wijn in zijn glas, b) Ze maakt z’n bed op (niet in de zin van het huis op orde brengen, maar het openslaan van de lakens zodat hij er zo in kan stappen), c) Ze wast zijn gezicht, handen en voeten.

Deze drie dingen zijn speciaal om de liefde van haar echtgenoot op te wekken en het is daarom niet gepast dat een dienstbode deze uitvoert.

Een vrouw die nida is mag daarom alle werkzaamheden voor haar man doen behalve deze drie, opdat ze elkaar niet te nabij komen.

De drie bovenstaande zaken zijn eigenlijk drie categorieën die man en vrouw met elkaar verbinden:

·       Het samen eten en drinken. Het is bekend dat dit mensen nader tot elkaar brengt, vooral het samen “klinken” of “lechajim drinken”, daarom is de halacha extra streng met betrekking tot wijn inschenken en drinken (hierop hopen we in een volgende aflevering verder in te gaan).

·       De dingen die te maken hebben met het slaapkamer-gebeuren.

·       Lichamelijke verzorging.

 *

 Rav Mordechai Elijahoe (darkee tahara blz.39-40) onderscheidt vier groepen van handelingen die verboden zijn in de nida-periode:

·       Het Toraverbod zelf, d.w.z. het aanraken als liefdesuiting zoals kussen en omhelzen.

·       Handelingen die tot overtreding van het verbod “lo tikrav - je zult niet benaderen” zouden kunnen leiden.

·       Handelingen die tot echtelijke samenleving zouden kunnen leiden.

·       Handelingen die bij de man tot een zaadlozing kunnen leiden. Omdat zaadlozen buiten het lichaam van de echtgenote een grote overtreding is moet dat met kracht voorkomen worden. Daarom zijn de dinee harchakot in bepaalde gevallen strenger voor de man dan voor de vrouw.

De dinee harchakot die de geleerden hebben ingesteld vormen de algemene basis. Ieder echtpaar voor zich weet of er nog andere zaken zijn die hen speciaal dichter bij elkaar brengen. In zo’n geval moeten ze zich dan van deze zaken onthouden.

 Een echtpaar David en Rivka, dat niet religieus leefde, besloot op een dag om Tora en mitswot te gaan houden. Hiertoe moesten ze gaan leren. De allerbelangrijkste mitswa voor een gezin is taharat hamisjpacha en zo kwamen ze terecht bij een rabbijn en zijn vrouw die zich over het echtpaar ontfermden. De rabbijn gaf les aan David en de rabbaniet aan Rivka. Rivka accepteerde alles wat ze leerde, alleen was ze absoluut niet bereid om de harchakot te gaan houden. Niets kon haar overtuigen. De rabbaniet ging toen naar David toe in de kamer ernaast om hem op de hoogte te stellen van de mening van zijn vrouw en met de rabbijn dit punt te overleggen. Daarop zei David dat hij dacht dat hij het dan wel erg moeilijk zal gaan krijgen in de nidaperiode want om geprikkeld te worden en zich dan steeds in te moeten houden veroorzaakt een grote spanning. De rabbaniet ging terug naar Rivka en herhaalde de woorden van David en voegde eraan toe dat het wel erg ongevoelig van haar kant zou zijn om geen rekening met haar man te houden. Rivka antwoordde dat ze nooit bij dit punt had stil gestaan omdat vrouwen minder vlug geprikkeld worden, maar als David moeite zou hebben om taharat hamisjpacha te houden zonder de harchakot, dan was ze bereid om deze op zich te nemen.

 *

Uit het feit dat de Tora de woorden “lo tikrav” gebruikt, kunnen we een paar mooie gedachten opmaken.

 

·      Juist uit de negatieve benadering kunnen we de positieve benadering leren. Alle zaken die niet mogen in de nidaperiode omdat ze liefde opwekken zijn juist aan te raden om te doen in de reine periode. Een echtpaar dat hun relatie wil verbeteren doet er goed aan om hard te werken aan alle punten die in de nidaperiode als dinee harchakot gelden. B.v. vaak samen eten en drinken.

·       Man en vrouw mogen elkaar niet lichamelijk benaderen in de nidaperiode maar wel geestelijk, d.m.v. andere soorten van communicatie. Het streven is om gedurende het hele leven elkaar voortdurend naderbij te komen: nu eens lichamelijk, dan weer geestelijk.

 

 

Ik sta open voor vragen of opmerkingen. Deze kan men sturen naar

BinyaminBen-Perach@allalouf.com en ik hoop dan zo spoedig mogelijk te reageren

 

áń"ă