Index

aanmelden

Home


HET JOODSE GEZINSLEVEN
Door: Orli ben-Perach (Evers)-Weyel

Aflevering 24                          HET HUWELIJKSGEBOUW

 

Het huwelijk wordt vergeleken met een gebouw. Men wenst ook wel de chatan en kalla dat ze het voorrecht mogen hebben om eeuwigdurend voort te bouwen. Dat klinkt misschien wat vreemd, want het zou prettig zijn als het gebouw in dit geval: het huwelijk meteen volmaakt zou zijn.

 

Rabbi Moshe Chaim Luzatto (18e eeuw) noemt hier echter een aspect, dat we ook uit het dagelijks leven kennen: Er kan niets succesvol zijn zonder dat men er veel moeite voor heeft gedaan. Dus opdat de chatan en kalla een gelukkig huwelijk zullen hebben moeten ze zich altijd blijven inspannan, en doorgaan met werken: het verder bouwen van hun huwelijk.

 

Laten we proberen te begrijpen wat dit verder bouwen inhoudt.

 

Gebouw en fundamenten

 

Als we bekijken hoe een gebouw gebouwd wordt, zien we dat eerst de fundamenten worden gelegd. Hiertoe wordt in de grond gegraven, er worden beton en andere materialen gestort (in Amsterdam worden palen geheid), kortom, er wordt gezorgd voor de stevige ondergrond van het gebouw. Hoe hoger en groter het gebouw moet worden, hoe dieper er gegraven wordt, en hoe meer material er gestort wordt.  In verhouding met het gebouw zelf wordt er onevenredig veel in de fundamenten ge-investeerd, want het is de bedoeling dat dezen het gebouw vele jaren zullen dragen. Op deze fundamenten metselt men muren van bakstenen. Altijd zijn er een paar steunmuren van beton, en de muren van bakstenen worden verstevigd met hier en daar een betongordel, opdat het gebouw stevig staat: De fundamenten alleen zijn hoe belangrijk ook - niet genoeg, er moet extra versteviging zijn

 

Het huwelijk als gebouw

 

Op deze manier wordt het huwelijk, dat vele vele jaren stand moet houden, gebouwd. De fundamenten zijn het eerste jaar. In dit jaar moet heel veel energie gestoken worden om de eenheid te vormen, die enerzijds de basis vormt voor alles wat er na komt. Aan de andere kant is het één worden het doel van het huwelijk.

 

Na het eerste jaar komen de bakstenen. Deze zijn het dagelijkse doen en laten. De kleine blijken van liefde die men elkaar geeft. De dagelijkse zorgen voor elkaar. Het hoeven geen grote daden te zijn, maar voortdurend kleine dingen, bijv. de eigen wil voor de ander opzij zetten. Stel dat de een erg graag uit wil, en de ander wil liever samen thuis blijven. Het toegeven voegt een baksteen toe aan het huwelijksgebouw. Zo ook ieder lief woord, compliment, het inslikken van boze woorden, enz.

 

Tussen de rijen bakstenen bevinden zich de betongordels. Deze zijn de momenten dat het echtpaar met elkaar alleen is. Zoals de avond van de tewiela, en andere avonden dat het echtpaar van echtelijke samenleving vervult. Deze avonden geven het huwelijk een extra stevigheid.

 

In de volgende afleveringen zullen we mGh de onderdelen van ons gebouw nader bekijken.

 

(Bovenstaand is genomen uit een sjie-oer van Ruth Shemesh, vertaald en bewerkt)