Home Index

Igeret HaRamban

Igeret  – brief – van de Ramban zl.1 aan zijn  zoon, met de opdracht die iedere week te lezen

Hoor mijn zoon, naar de raad  van je vader, en verloochen niet de leringen van je moeder2. Gedraag je altijd zodanig dat al je woorden aangenaam klinken voor iedereen en ten alle tijde. Dat zal voorkomen dat je je kwaad maakt, want dat is een slechte karaktereigenschap, die een mens ertoe kan brengen te zondigen. Onze geleerden, hun aan­denken zij tot zegen, hebben gezegd3: Een ieder die kwaad is, wordt beheersd door Gehinnom, zoals er staat ge­schre­ven4: „Gooi de boosheid van u af en verwijder [daarmee] het slechte uit uw lichaam.” Met „het slechte” wordt hier Gehinnom bedoeld, zoals er geschreven staat5: „En de booswicht is bestemd voor de dag van het kwaad.” En wanneer je jezelf verwijderd hebt van boosheid, zal zich de eigenschap van nederigheid meester maken van je hart, en dat is de beste eigenschap van alle goede eigen­schappen, zoals er geschreven staat6: „Het gevolg van nederigheid is het ontzag voor Hasjem.”

Door nederigheid zul je er ertoe komen ontzag voor Hasjem te hebben want het zal je er altijd aan herinneren waar je vandaan komt en waarheen je gaat, en dat je bij je leven niets meer bent dan een rups of een worm, net zoals na je dood. Het zal je er ook aan herinneren voor Wie je zal berecht worden, voor de Koninklijke Majesteit, zoals er staat geschreven7: „Al de hemelen en de hemelen van de hemelen kunnen U niet bevatten” – „Hoeveel te min­der de harten van de mensen!” Er staat ook geschreven8: „Vul Ik niet de hemel en de aarde? zegt Hasjem.”

Wanneer je aan al deze dingen bedenkt, zal je ertoe komen je Schepper te eerbiedigen, en je zult jezelf ervoor beschermen om niet te zondigen, en dan zal je gelukkig zijn met je deel. En wanneer je je nederig en bescheiden gedraagt tegenover iedereen, en Hasjem eerbiedigt en de zonde vreest, dan zal de Sjechina – de Geest van Hasjem – en de uitstraling van Zijn Heerlijkheid op je rusten en je zult leven in de Komende Wereld.

En nu, mijn zoon, weet en zie in, dat ieder die zich ver­heven voelt boven een andere, die rebelleert tegen het Koningschap van de Hemel, want hij kleedt zich met de koningsmantel van de Hemel, zoals er geschreven staat9: „Hasjem regeert, hij heeft zich in Majesteit gekleed.” Waarom zou men zich trots voelen? Vanwege rijkdom? Het is Hasjem die arm en rijk maakt.10 Wegens eer? Die behoort aan Hasjem toe, zoals wij kunnen lezen11: „Rijk­dom en eer komen van U.” Dus hoe kan men zich tooien met de eer van Hasjem? En wie trots is op zijn wijsheid, die weet natuurlijk ook dat „Hasjem de spraak wegneemt van de zelfverzekerden en de rede van de wijzen.”!12 Zo zien wij dat iedereen hetzelfde is voor de Alomtegen­woordige, want met Zijn toorn verlaagt Hij de trotse en als Hij het wil, verheft hij hen die gevallen zijn. Dus laat je vallen, en de Alomaanwezige G-d zal je opheffen.

Daarom wil ik nu aan je uitleggen hoe men zich altijd nederig kan gedragen. Spreek altijd vriendelijk, met je hoofd gebogen, met je ogen naar de grond gericht, maar met je hart naar boven gericht. Kijk niet in het gezicht van degene tegen wie je spreekt. Beschouw iedereen als groter dan jij. Wanneer de ander wijs of rijk is, behandel hem dan met de nodige respect. Als hij arm is en jij bent rijker – of wijzer – dan hij, beschouw jezelf dan alsof je meer schuldig bent dan hij en alsof hij meer verdiensten heeft dan jij, want wanneer hij zondigt, dan is dat bij vergissing of uit onwetendheid, maar jij doet het expres of zou beter moeten weten.

Bij al je daden, in woorden en gedach­ten, beschouw jezelf altijd alsof je voor de Heilige, gezegend zij Hij, staat, en alsof Zijn Sjechina boven je hangt, want Zijn heerlijkheid vult de hele wereld. Spreek met eerbied en ontzag, zoals een dienaar die voor zijn meester staat. Wees bescheiden tegenover iedereen. Wanneer iemand je roept, antwoordt dan niet met luide stem, maar zacht en beschaafd, zoals iemand die voor zijn meester staat.

Leer altijd vlijtig Tora, zodat je de mitswot kunt uitvoe­ren. Wanneer je opstaat van het leren, ga dan nog eens na of er iets is van wat je geleerd hebt, dat je in praktijk kunt brengen. Ga je eigen daden na, zowel ’s ochtends als ’s avonds, dan zal je alle dagen tsjoewa doen – tot inkeer komen.

Verwijder alle wereldse gedachten tijdens je tefilla – gebeden. Bereidt je hart voor op Hasjem, reinig je ge­dach­ten en bedenk wat je gaat zeggen voordat de woor­den uit je mond komen. Wanneer je dit doet bij al je da­ge­lijkse bezigheden, of die belangrijk zijn of niet, dan zal je niets verkeerds doen.  Dan zullen al je woorden, daden en gedachten zuiver zijn, en je tefilla zal gehoord worden door Hasjem, geloofd zij Hij, zoals er geschreven staat13: „Leid hun hart, luister naar hen.”

Lees deze brief minstens eenmaal per week en sla er niets van over. Doe wat erin geschreven staat en wandel ermee over de paden van Hasjem, moge Hij gezegend zijn, op­dat je zult slagen in alle opzichten en de Komende Wereld zult verdienen, die verborgen ligt voor de rechtvaardigen. Moge de Hemel iedere dag dat je deze brief zult lezen, al je hartewensen beantwoorden. Amein, Sela!

 

 

1. Rabbijn Mosjé Ben Nachman, geb. 1194 te Gerona, Spanje, waar hij het grootste deel van zijn leven gewoond heeft. Tamloed geleerde, Kabbalist en leraar. In 1263 werd hem door de Koning van Aragon geboden in discussie te gaan met de apostaat Pablo Christiani, in aanwezigheid van de koning en kerkelijke dignitarissen. Ramban won het dispuut, maar werd toch uit Spanje verbannen. In 1267 ging hij naar Israël, waar hij spoedig overleed.

 

2. Misjlei [Spreuken] 1:8

3. Nedariem 22a

4. Kohelet [Prediker] 12:10

5. Misjlei 16:4

6. Misjlei 22:4

7. I Melachiem [Koningen] 8:27

8. Jeremiahoe 23:24

9. Tehilliem [Psalmen] 93:1

10.  I Sjemoeël [Samuel] 2:7

11. I Diwrei Hajamiem [Kronieken] 29:12

12. Ijov [Job] 12:20

13. Tehilliem 10:17