Vorige blad

Index Noachidische Geboden

Volgende blad

De zeven Noachidische Geboden

Les 3: De G’ddelijkheid van het Recht

Blad 17

Men heeft het de oude afgod vervangen met het menselijk intellect. In de plaats van die oude afgod heeft men het menselijk verstand op hetzelfde oude voetstuk neergezet.

Het blijkt duidelijk uit de bovenvermelde bron (Deuteronomium) dat de menselijke regels aan Hem toe te schrijven zijn.

Het zijn Zijn regels, gebaseerd op Zijn structuren; dezelfde structuren die Hij ingevoerd heeft in het heelal en in de natuur.

Ik zou nog in ditzelfde verband een andere tekst willen vermelden uit Genesis 18:19: “Ik erken hem (Abraham: er wordt hier bedoeld ‘ik hou van Hem’) omdat Hij aan zijn kinderen en Zijn huisgezin zal opdragen dat ze de wegen van de Eeuwige in acht zullen nemen en zullen hoeden: het in praktijk brengen van liefdadigheid, rechtvaardigheid en rechtspraak en daarvoor zal de Eeuwige aan Abraham brengen wat Hij hem beloofd heeft.

In deze regels merken we ook heel duidelijk de intieme band van G’d met begrippen zoals liefdadigheid, recht en rechtvaardigheid.

Uiteindelijk is deze aardse wereld ook de laatste wereld. Deze wereld heeft Hij het laatst geschapen en dat maakt deze fysieke wereld tot  het einddoel in de Schepping.

Als iemand op reis gaat dan rijdt hij soms langs steden en soms ook door verschillende landen. Maar daar waar hij uiteindelijk uitstapt is het eindstation, het doel van de reis.

Er is een Midrash die deze regel inderdaad bevestigt. (Midrash Rabba - Genesis 19). De Midrash vertelt dat het in principe de bedoeling van de Schepper was om hier op aarde te wonen. Maar wat gebeurt er! Toen Adam en Eva zondigden en zich vergrepen aan het verbod om te genieten van de vrucht van de boom der kennis van goed en kwaad, toen trok Hij weg naar de eerste Hemel.

Toen Kaïn zondigde en zich vergreep aan de broedermoord, toen trok Hij verder weg naar de tweede Hemel.

Enosh en zijn generatie vergrepen zich aan afgoderij en toen trok Hij naar de derde Hemel.

De generatie van de zondvloed vergreep zich aan diefstal en Hij trok verder weg naar de vierde Hemel.

Met de toren van Babel trok Hij naar de vijfde Hemel.

De Sedomieten zondigden door onrechtvaardige rechtspraken te beoefenen en Hij trok verder naar de zesde Hemel.

In Egypte werd in ontucht geleefd, hetgeen blijkt uit het verhaal met Sarah (Genesis 12) en Hij trok nog verder weg naar de zevende Hemel.

Daarop kwamen er zeven Tsaddikiem (rechtvaardigen) en die brachten Hem terug naar deze wereld.

Dat waren Abraham, Isa’ak, Jakob, Levi, Kehoth, Amram en Moshe.

De Maharal (Rabbijn in Praag geboren in Polen 1515, overleden in Praag 1609) onderzoekt deze Midrash en licht hem als volgt toe:

Het gaat hier om de zeven Noachidische wetten. De bedoeling is dan ook erg duidelijk dat onze meest intieme verhouding met G’d afhangt van ons gedrag jegens onze medemens. Wij kunnen uit deze verhalen begrijpen dat zulke vergrijpen de aarde vervuilen en dat Hij er dan niet meer kan zijn. Ze is niet meer geschikt om te dienen als paleis voor Zijn G’ddelijke eer.