Home

Inhoud

Printversie

Kasjroet – de Joodse Spijswetten

Kasjroet is het geheel van de Joodse spijswetten,  dat bepaalt welk voedsel wel en welk voedsel niet gegeten mag worden. Het woord kasjroet” komt van het Hebreeuwse woord kasjčr, het­geen „passend, geschikt, geoorloofd” betekent. Het is hetzelfde woord als het meer alge­meen bekende woord „kosjer,” de Jiddisje variant van hetzelfde woord. (Het woord kosjer of kasjčr kan ook betekenen, dat een ritueel gebruiks-voorwerp voldoet aan de Joodse eisen en het wordt ook vaak in die betekenis gebruikt.)

Er bestaat niet zo iets als „kosjer-style” voedsel. Kosjer is geen bepaalde soort van voedsel of een bepaalde manier van eten. Chinees of Indisch voedsel kan net zo kosjer zijn als Japans voedsel of Hollandse stampot. De enige voorwaarde is dat het voldoet aan de Joodse wet. Er bestaan wel traditioneel Joodse gerechten die in bepaalde Joodse kringen veel gegeten worden, maar die zijn niet altijd kosjer! Wanneer een restau-rant zichzelf kosjer style” noemt, betekent dat in het algemeen dat het traditioneel Joodse gerechten opdient, die niet kosjer zijn bereid!

Voedsel dat niet kosjer is, wordt doorgaans trefa  [of treif] genoemd [letterlijk: verscheurd – vlees dat afkomstig is van een dier, dat door een roofdier verscheurd werd].

Waarom kasjroet?

Vele mensen denken dat de kasjroetwetten niets anders zijn dan primitieve, verouderde regels voor gezond voedsel, die door de hedendaagse kennis allang achterhaald zijn, en die door de moderne voedselbereiding niet meer actueel zijn.   Sommige onderdelen van de spijswetten hebben ongetwijfeld gezonde bijeffecten. Maar dat is niet de voornaamste reden voor de Joodse spijswetten. Vele van de Kasjroetwetten hebben geen enkele bekende relatie met gezondheid volgens de huidige medische wetenschap.  

Het enige en korte antwoord op de vraag waarom Joden Kasroet houden is: omdat G-d dat voorschrijft in Zijn Tora. De Tora geeft geen specifieke reden op waarvoor een bepaald gebod of verbod is en dat is ook niet nodig. Het kasjroet is door alle eeuwen heen het kenmerk bij uitstek geweest van het Joodse volk, één van de kenmerken die de Joden over de hele wereld aan elkaar bindt.

Wat is kasjroet

Hoewel de details van kasjroet in een nogal uitgebreide wetgeving is vastgelegd, zijn al de kasjroet­voorschriften  afgeleid van een klein aantal eenvoudige basisregels:

Alleen bepaalde dieren mogen gegeten worden, de meeste dieren niet. Alleen zoogdieren die herkouwen en die gespleten hoeven hebben, mogen gegeten worden. Dit zijn hoofdzakelijk runderen, schapen en geiten. Van de vogels zijn bijna alleen kip en kalkoen en gans toegestaan en alleen vissen die schubben en vinnen hebben mogen gegeten worden. De meeste andere dieren zijn verboden en dat geldt ook voor hun melk en eieren.

De zoogdieren en vogels die toegestaan zijn om te eten, moeten geslacht zijn volgens de Joodse wetten.

Al het bloed moet uit het vlees getrokken zijn, door het vlees te zouten of te grillen, voordat het gekookt of gebraden mag worden.

Bepaalde organen van de toegestane dieren mogen niet gegeten worden. Hiertoe behoren o.a. bepaalde vetten en de „verwrongen spier”.

Vlees (van zoogdieren en vogels) mag niet samen gegeten of gekookt worden met melk of melkproducten. Eieren, fruit, groente en graanproducten mogen zowel samen met vlees als met melk gegeten worden.

Eetgerei dat met vlees in contact gekomen is, mag niet gebruikt worden voor vleesgerechten en omgekeerd. Eet-gerei dat in contact gekomen is met niet-kosjer voedsel, mag niet voor kosjer voedsel gebruikt worden.

Diverse producten die door niet-joden bereid zijn, mogen niet door Joden gegeten of gedronken worden. Dit geldt voor druivensap en wijn, brood, melk en verder al het gekookte eten, ook al is het kosjer en is het bereid in kosjere pannen met kosjer eetgerei.

Voor meer informatie en een beknopte handleiding voor een kosjere keuken, klik hier.