De Zeven Noachidische Wetten

Moraal

De zeven wetten

INHOUD

Printversie

  De zeven Noachidische Wetten

Moraal

Volgens de Geleerden van de Talmoed zijn er 70 families met 70 paden die samen de grote Familie van de Mensheid uitmaken. En ieder individu heeft zijn of haar pad binnen een pad, maar er is een uni­ver­sele basis voor ons allen.

Bij de dageraad van de geschiedenis van de mensheid gaf G-d de mens zeven regels om te gehoor­zamen, opdat Zijn wereld zou blijven bestaan. Zo interpreteert onze traditie in de Talmoed het verhaal in het Boek Genesis. Er zal een tijd komen, vertellen onze geleerden, dat de nakomelingen van Noach zullen terugkeren op dit pad. Dat zal het begin zijn van een nieuwe wereld van wijsheid en vrede.

De kern van deze universele morele wetgeving is de erkenning dat moraal – inderdaad, civilisatie zelf – gebaseerd moet zijn op het geloof in G-d. Wanneer wij niet een Hogere Macht erkennen aan wie wij verantwoording verschuldigd zijn en die ons gadeslaat en al onze handelingen kent, kunnen wij niet uitstijgen boven het egoïsme van ons karakter en de subjectiviteit van ons intellect. Wan­neer de mens zelf de uiteindelijke arbiter is van wat goed en kwaad is, dan zal „goed” voor hem of haar datgene zijn dat zij zichzelf wensen, ongeacht de consequenties voor de andere bewoners van de aarde.

Op de berg Sinaï gaf G-d de Israëlieten de opdracht om Zijn „Licht onder de volken” te zijn, door de hele mensheid tot de erkenning te brengen van hun Schepper en hen zich te laten houden aan Zijn wetten.

Echter gedurende het grootste deel van de Joodse geschiedenis lieten de omstandig-heden ons volk niet toe om deze principes te verspreiden anders dan via indirecte middelen. Toen de Lubavitcher Rebbe begon te spreken over de publicatie van deze principes als een voorbereiding van een nieuw tijdperk, blies hij een bijna vergeten traditie nieuw leven in.

* * *

Wat het mooiste is aan deze wetten is de ademruimte die zij geven. Zij weerklinken hetzelfde in een hut in Afrika of in een paleis in India, in een school in Moskou als in een huis in een woonwijk in Nederland. Zij zijn als de richtlijnen van een groot muziekmeester of kunstenaar: onveranderlijk, betrouwbaar en allesomvatten – maar slechts een basis, en op deze basis kan ieder volk en ieder individu bouwen.

„De Zeven Noachidische Wetten” zijn een heilige erfenis van al de nakomelingen van Noach, iets dat ieder mens op deze aardoppervlak kan gebruiken als een basis voor zijn of haar spiritueel, moreel en pragmatisch leven. Wanneer voldoende van ons willen beginnen om deze wetten in ons leven in te bouwen, zullen we spoedig een andere wereld zien, eerder dan we ons kunnen voor­stellen.


DE 7 WETTEN

1. Erken dat er slechts één G-d is die oneindig is en het Allerhoogste Opperwezen is boven alle dingen. Vervang dat Allerhoogste Opperwezen niet door eindige afgoden, noch door jezelf noch door anderen. Dit gebod houdt ook handelingen in zoals gebed, studie en meditatie.

2. Respecteer de Schepper. Hoe gefrusteerd en boos je ook mag zijn, reageer dat niet af door je Maker te vervloeken.

3. Respecteer mensenlevens. Ieder mens is een hele wereld. Wie een leven redt, redt een hele wereld. Wie een leven vernietigt, vernietigt een hele wereld. Anderen helpen te leven is het logische gevolg van dit principe.

4. Respecteer het instituut van het huwelijk. Een huwelijk is een hoogst G-ddelijke handeling. Het huwelijk van een man en vrouw is een weerspiegeling van de eenheid van G-d en Zijn Schepping. Ontrouw in het huwelijk is een aanslag op die eenheid.

5. Respecteer de rechten en de eigendommen van anderen. Wees eerlijk in al je zakelijke transac­ties. Door te vertrouwen op G-d, in plaats van op onze eigen slimmigheidjes en bedriegerijtjes druk­ken wij ons vertrouwen in Hem uit als Diegene die ons onderhoudt.

6. Respecteer G-ds schepselen. Aanvankelijk was het de mens verboden om vlees te eten. Na de zondvloed werd dat hem toegestaan, maar met een waarschuwing: veroorzaak geen onnodig lijden van welk schepsel dan ook.

7. Handhaaf recht. Recht is een aangelegenheid van G-d, maar wij hebben de opdracht gekregen om de nodige wetten te maken en die te handhaven, overal waar dat kan. Wanneer wij het kwaad in de maatschappij in de goede richting ombuigen, zijn wij als partners in het proces dat de schepping in stand houdt.