Index

 

Het Orh Somayach

Haĝĝada Supplement

Het essentiële doel van de Pesach Seder is het verhaal van de Uittocht uit Egypte te vertellen. Hier volgen wat inzichten van de rabbijnen van Ohr Somayach.

Pesach

De Tora noemt  Pesach „Chag Hamatsot.” Maar wij noemen het „Pesach”. Waarom is dat? Rav Chaim Volozhiner legt dat als volgt uit:

Het woord Matsot en het woord Mitswot worden in het Hebreeuws precies hetzelfde geschreven. Dus „Chag HaMatsotkan ook gelezen worden als „Chag HaMitswot”, hetgeen zou betekenen dat door uit Egypte te trekken en deTora in ontvangst te nemen, het Joodse volk nu de gelegenheid heeft om een grote beloning te krijgen door mitswot te doen.

Pesach echter betekent „passeren”: Hasjem „passeerde over” de huizen van de Bnei Jisraël. Door het Pesach te noemen leggen wij de nadruk op het goede dat Hasjem ons bewezen heeft.

Onze geleerden leren ons dat wij Hasjem niet moeten dienen met een oog gericht op de beloning; maar wij moeten Hem dienen uit een gevoel van liefde en dankbaarheid. Door het Pesach te noemen „ont-nadrukken” wij de beloning die iedere Mitswa meebrengt, en in plaats daarvan concentreren wij ons op het goede dat Hasjem voor ons gedaan heeft.

Rabbijn Reuven Lauffer

De slechte zoon

Wat zegt hij? Waarom doen jullie dit werk?

De vraag van de slechte zoon is een citaat uit de Tora: „Wanneer jullie kinderen tegen jullie zullen zeggen… wat betekent deze dienst voor jou!” De sleutel tot zijn slechtheid ligt in het woordje „zeggen”. Hij vraagt niet, hij zegt iets. Daarom…

Je moet zijn tanden afstompen en zeggen: „Het is hierom dat Hasjem dit voor mij deed toen ik uit Egypte trok.” Voor mij en niet voor hem.

Het woord „hem” is derde persoon. Daar de vraag van de slechte zoon een rheto­rische vraag is, krijgt hij geen direct antwoord. Tegen wie spreekt de vader dan? Tegen de zoon die „niet weet wat hij moet vragen.” Hij stelt net zo min vragen als de slechte zoon. Er bestaat dus het gevaar dat hij zich ontwikkelt tot een „slechte zoon.” De vader kijkt naar deze zoon en waarschuwt hem: „Voor mij en niet voor hem… laat zijn sarcastische grijns jou niet om de tuin leiden… Als hij in Egypte was geweest was hij geassimileerd in de Egyptische maatschappij en zou niet verlost zijn.”

Rabbijn Gavriël Rubin

Die niet weet te vragen

Sommigen verliezen zich graag tijdens de Seder in diepzinnige verklaringen en discussies. De Chida waarschuwt ons dat we niet moeten vergeten dat er ook jonge kinderen aan tafel zitten die nog geen vragen kunnen stellen en die al die wijsheid niet kunnen volgen. Wij moeten ook aandacht besteden aan het kind dat nog niet weet wat het moet vragen, opdat wij niet over de hoofden heen van de jongere kinderen praten.                                                                              Rabbijn Ephraim Yawitz

In iedere generatie...

„…En dit stond voor onze voorouders en voor ons. Want in iedere generatie stonden zij tegen ons op om ons te vernietigen maar HaKadosj Baroech Hoe redde ons uit hun handen.[Zie blz. 38 Haggada foutieve Ned. Vertaling.] Wat is dit?

Misschien heeft dit betrekking op het anti-semitisme. En misschien vermaant de Haggada ons ervoor, dat hoe wij ook proberen ons Jodendom te vergeten en de ge­woontes van de volken om ons heen aannemen, vroeger of later staan zij tegen ons op, ons herinnerend aan onze uniekheid en doen zij ons onze band met het Jodendom weer bewust maken.                                             Rabbijn Shlomo Zweig

En zij maakten hun leven bitter

Tijdens een schoolse les vroeg een iemand eens aan Rabbijn Jonatan Eibeschitz: „De Tora zegt: en zij verbitterden hun levens, maar de zangtonen van de gazan zijn vrolijk!”

„Goede vraag!” antwoordde Rabbijn Jonatan. „Hasjem had tegen Avraham gezegd dat zijn nakomelingen 400 jaar in slavernij zouden zijn. Maar het werden er slechts 210. Waarom? Het „bittere leven” maakte dat Hasjem medelijden met hen kreeg en hij verkorte de ballingschap met 190 jaar. Is dat geen reden voor vrolijkheid?

En de zangtonen, Kadma WeAzla, die boven die „bittere woorden” staan, hebben als nummerieke waarde precies 190!

Rabbijn Jehosjoea Karsj