Poeriem-index

index feestdagen

Home

Welk Costuum Draagt Mordechai op Poeriem ?

 Door: Rabbijn A.L. Heintz

Onze geleerden vertellen ons, “Wie de Megila achteruit leest heeft zijn plicht niet voldaan.” 

 

In de Joodse wet, betekent dit dat wij  de Megila op volgorde vanaf het begin tot aan het slot horen te beluisteren.  D.w.z. dat als iemand midden in het Megila lezen de sjoel is binnen­getreden,  hij  niet aan zijn plicht kan voldoen door het voorgaande deel, dat hij gemist heeft achteraf  te beluisteren  omdat dit  als “achteruit” lezen beschouwd wordt.

De Joodse filosofen leggen ons uit  dat het verbod om de Megila achteruit te lezen een diepere betekenis heeft namelijk dat wij de Megila niet moeten  zien alsof  het achter ons ligt, maar dat het nog steeds aktueel is, en dat wij er ook tegenwoordig nog een les uit kunnen leren.

                                   

*          *          *          *          *          *          *          *          *

Als wij kijken naar de naam van het feest Poeriem, vinden wij bepaalde vreemde aspecten:

 

1)       Poeriem is het enige feest dat geen echte Hebreeuwse naam heeft.  Poeriem is afgeleid van het woord “poer” dat in het  Perzisch  lot betekent. Omdat het geen Hebreeuws woord is moest daarom, bij de eerste vermelding van het woord “poer” in de Megila, het worden vertaald ().

2)       Men zou verwachten dat de naam van het feest betrekking zou hebben op het vreugdevolle aspect ervan,  namelijk de redding van het Joodse volk.  In tegendeel, de naam Poeriem (loten) heeft betrekking op de werkwijze van de slechte Haman die het Joodse volk wou uitroeien d.m.v. het loten van de dag die “gunstig” zou zijn om een einde te maken   aan het Joodse volk.

 

*              *              *              *              *              *              *              *              *              *              *

De Megilat Esther lijkt niet  bij de Heilige Schriften () te horen. In de Megila ontbreekt de naam van G-d, terwijl bij Joden het  juist de gewoonte is G-d’s naam te noemen ook bij profane gelegenheden. (bv. G-d zij dank, ; als G-d het wilt, , enz.).

Het verbergen van G-d  wordt ook aangeduid in de naam Esther die men kan afleiden van het Hebreeuwse woord voor verborgenheid.

*              *              *              *              *              *              *              *              *              *

Toen Haman’s dekreten tegen de Joden bekend werden hebben Mordechai en Esther begrepen dat aktie ondernomen moest worden.

De eerste stap die Mordechai  gemaakt heeft was het dragen van zak en as als teken van be­rouw.  Toen Mordechai  aan Esther vertelde over Haman’s dekreet verzocht hij haar de koning te benaderen om zijn barmhartigheid te vragen. Esther stemde toe onder voorwaarde dat het hele Joodse volk eerst een driedaagse vast zou ondernemen. Zij zou dan ook vasten en op de derde vastendag zou zij naar de koning gaan.

Mordechai en Esther lijken verkeerde stappen  te hebben ondernomen. 

1)      Mordechai was diegene die het leven van de koning had gered (Esther 2:21-22) en een leider van het Joodse volk was. Men kan zich voorstellen dat hij een man van groot aanzien aan het hof van koning Achasjwerosj was. In plaats van zak en as had hij, bij wijze van spreken, zijn mooiste costuum met een passende stropdas moeten aandoen en naar het paleis moeten gaan om het goede kanaal te vinden om het probleem op te lossen.  

2)       Esther, als koningin, lijkt ook de verkeerde keuze gemaakt te hebben. Zij is, tenslotte koningin geworden omdat zij “genade heeft gevonden in de ogen van de koning.” (m.a.w. hij vond haar mooi) Na drie dagen vasten zag zij er zeker niet op haar mooist uit. Zij had misschien beter een paar dagen bij de “fitness center” moeten afleggen en een paar uurtjes onder de zonnehemel kunnen doorbrengen.

 

Esther en Mordechai  konden echter dieper dan de oppervlakkige feiten kijken. Zij begrepen dat het dekreet van Achasjwerosj om het Joodse volk uit te roeien een gevolg was van een hoger dekreet van G-d ( zie Maimonides Hilchot Taaniet 21:2-3 ). G-d was kwaad op het Joodse volk althans op diegenen die deel hadden genomen aan het grote feest dat de koning  georganiseerd had. Immers, het eten dat daar geserveerd werd was niet, om het zachtjes uit te drukken, onder rabbinaal toezicht. G-d was boos en om die boosheid te doen verdwijnen was het nodig om de oorzaak ervan weg te halen. Vasten en het dragen van zak en as zijn allemaal hulpmiddelen om tot inkeer te komen.

 Nadat  Mordechai en Esther, samen met het Joodse volk er voor gezorgd hadden dat  het probleem spiritueel  opgelost was moesten zij  maatregelen treffen  zodat de  oplossing ook  in deze wereld zou plaats vinden. Daarom heeft Esther gevast  en is zij pas daarna naar de koning toegegaan. Mordechai en Esther hadden dit beide begrepen en waren gelukkig ook in staat om het aan de rest van hun volk duidelijk te maken. Zij wisten, dat zelfs in een vreemd land, waar men een vreemde taal spreekt en waar het lot  tot het slechte keert, men zich in eerste instantie tot G-d moet wenden; alleen na de spirituele voorbereiding kon Esther een beroep doen op de barmhartigheid van de koning.