Index Rosj Hasjana

De maand Eloel

De maand van Genade en van Selichot boetvaardige gebeden Ik ben voor mijn beminde en mijn beminde is voor mij (Hooglied 6:3).

Volgens de Talmoed begon G-d de Schepping van de wereld met de uitrooep: Laat er licht zijn! op de 25ste Eloel. Op de zesde dag van de Schepping werd de mens geboren. Dat was dus de eerste Tisjri.

En wij zeggen inderdaad op Rosj Hasjana in onze gebeden: Dit is de dag van het begin van Uw schepselen, een gedenkdag van de eerste dag en (Uw) schepselen worden allen herdacht.

De eerste dag van Tisjri, de geboortedag van de mensheid, wordt in de Tora een dag van de klank van de sjofar genoemd en in de Misjna, in traktaat Rosj Hasjana wordt deze datum genoemd als de dag waarop heel de mensheid berecht wordt.

Ten einde gereed te zijn voor de Dag van de Rechtspraak, trachten wij onze daden nader te onderzoeken en datgene wat wij in het afgelopen jaar gedaan hebben samen te vatten, zoals gezegd wordt in het vers (Amos 4:12): Bereidt u voor om uw G-d te ontmoeten, O Israël. Wij nemen in de maand Eloel, die aan Rosj Hasjana vooraf gaat, als het ware de inventaris op.

In de maand Eloel trachten wij goede advocaten aan te stellen die ons tijdens de Dagen van de Rechtspraak zullen verdedigen en die zullen trachten de getuigenissen van hen die ons veroordeeld willen zien, te ontzenuwen of af te zwakken.

Wie zijn deze verdedigers?

De Misjna zegt in Awot: Ieder die een enkel gebod uitvoert, verkrijgt zich daarmee een verdediger, en wie een overtreding begaat, verwerft zich een aanklager.

De betekenis daarvan is duidelijk: De kansen om te worden vrijgesproken zijn direct gekoppeld aan de balansstaat waarop de goede daden en de overtredingen staan geregistreerd.

In de natuurlijke loop van de gebeurtenissen komen mensen niet overnacht tot inkeer. Berouw is een complex fenomeen dat bestaat uit een aantal fasen en we trachten die stappen te nemen die ons opwekken om tot inkeer te komen, die ons karakter zullen verbeteren en ons op het rechte pad zullen zetten dat leidt naar een beter gedrag. Dit vereist tijd en inspanning en daarom beginnen we daarmee reeds lang van te voren, vanaf de eerste dag van Eloel, dertig dagen vóór Rosj Hasjana.

De maand Eloel werd niet alleen gekozen omdat het de maand is die aan Rosj Hasjana en Jom Kippoer voorafgaat, maar ook omdat de maand zelf uitermate geschikt is voor de vergiffenis van onze zonden.

Toen Mozes zag hoe de Joden dansten rond het Gouden Kalf, smeet hij de twee tabletten met de Tien Geboden, die hij zojuist van de Berg Sinaï naar beneden gebracht had, kapot. Dat gebeurde op de 17de van de maand Tammoez. Op Rosj Chodesj Eloel, de eerste dag van de maand Eloel ging Mosjé voor de tweede maal de Berg Sinaï op om de tabletten van G-d in ontvangst te nemen, nadat G-d zijn pleidooi voor vergiffenis van het volk had geaccepteerd. Ook deze keer verbleef Mosjé veertig dagen en veertig nachten op de berg, dat wil zeggen, van Rosj Chodesj Eloel tot Jom Kippoer. Ten slotte, op Jom Kippoer, zei G-d tegen hem: Ik heb hen vergeven, zoals jij gevraagd hebt. En sedert die tijd zijn deze veertig dagen in de Joodse geschiedenis voorbehouden als een periode van genade en vergiffenis, waarin  onze gebeden verhoord en onze zonden vergeven worden.

Onze geleerden vertellen ons dat er drie manieren zijn waarop wij vijandige decreten kunnen afwenden: tesjoewa, berouw en inkeer   tefilla, gebed en tsedaka, liefdadigheid. Voor elk van deze drie is er een toepasselijk vers dat vier achtereenvolgende woorden heeft waarvan de beginletters het woord Eloel vormen:

  berouw, inkeer: ( ' ) () En Hasjem je G-d zal je hart besnijden (dat wil zeggen de onreinheden eruit verwijderen) en het hart van je nazaad.

gebed: Ik ben voor mijn beminde en mijn beminde is voor mij.

liefdadigheid: ( ) het zenden van geschenken aan elkaar en aan de armen.

, ' Voor David: Hasjem is mijn Licht en mijn Redding

Vanaf Rosj Chodesj Eloel tot Hoshana Rabba zeggen wij Psalm 27, twee maal per dag: , ' Voor David: Hasjem is mijn Licht en mijn Redding. De meest gebruikelijke gewoonte is om dit aanhet eind van de dienst te zeggen, maar het juiste punt in de dienst variëert volgens de locale gewoonte. Iedereen zegt het aan het eind van de Sjacharit ochtenddienst, maar de tweede keer wordt het door sommigen aan het eind van Mincha het middaggebed en door anderen aan het eind van Maariv het avondgebed gezegd.

Deze Psalm weerspiegelt de hele periode van de Jamiem Noraïem Ontzagwekkende Dagen: Hasjem is mijn licht slaat op Rosj Hasjana, wanneer wij G-d vragen onze weg voor ons te beschijnen. En mijn redding heeft betrekking op Jom Kippoer, wanneer wij bidden dat G-d ons zal redden. De rest van de Psalm spreekt voor zichzelf: Wie zal ik vrezen? Hasjem is het bolwerk van mijn leven voor wie zal ik bang zijn? Want Hij zal mij verbergen in Zijn soekka; op een dag van moeilijkheden zal Hij mij verschuilen in de schuilplaats van Zijin heiligdom; Hij zal mij op een rots zetten. Dit heeft natuurlijk betrekking op het Soekkot [Loofhutten] -feest.

Het is de gewoonte om gedurende de gehele maand Eloel aan het eind van de ochtenddienst op de sjofar de ramshoorn te blazen. Alleen op de dag vóór Rosj Hasjana zelf , 29 Eloel, wordt niet geblazen, om een onderscheid te maken tussen het blazen op de sjofar wanneer dat alleen een minhag [gewoonte] is, namelijk gedurende de maand Eloel, en wat is voorgeschreven door Tora (op Rosj Hasjana).

Hetblazen van de sjofar in Eloel is bedoeld om ons uit onze lethargie en cynisme van het hele jaar op te wekken en om onze geest in de juiste stemming te brengen voor de Jamiem Noraïem (zie Amos 3:6: Zal er een sjofar gehoord worden in de stad en zullen de mensen dan niet beven?).

, ' Voor David: Hasjem is mijn Licht en mijn Redding

Vanaf Rosj Chodesj Eloel tot Hosjana Rabba zeggen wij Psalm 27, twee maal per dag: , ' Voor David: Hasjem is mijn Licht en mijn Redding. De meest gebruikelijke gewoonte is om dit aan het eind van de dienst te zeggen, maar het juiste punt in de dienst variëert volgens de locale gewoonte. Iedereen zegt het aan het eind van de Sjacharit ochtenddienst, maar de tweede keer wordt het door sommigen aan het eind van Mincha het middaggebed en door anderen aan het eind van Maariv het avondgebed gezegd.

Deze Psalm weerspiegelt de hele periode van de Jamiem Noraïem Ontzagwekkende Dagen: Hasjem is mijn licht slaat op Rosj Hasjana, wanneer wij G-d vragen onze weg voor ons te beschijnen. En mijn redding heeft betrekking op Jom Kippoer, wanneer wij bidden dat G-d ons zal redden. De rest van de Psalm spreekt voor zichzelf: Wie zal ik vrezen? Hasjem is het bolwerk van mijn leven voor wie zal ik bang zijn? Want Hij zal mij verbergen in Zijn soekka; op een dag van moeilijkheden zal Hij mij verschuilen in de schuilplaats van Zijn heiligdom; Hij zal mij op een rots zetten. Dit heeft natuurlijk betrekking op het Soekkot [Loofhutten] -feest.

Het is de gewoonte om gedurende de gehele maand Eloel aan het eind van de ochtenddienst op de sjofar de ramshoorn te blazen. Alleen op de dag vóór Rosj Hasjana zelf , 29 Eloel, wordt niet geblazen, om een onderscheid te maken tussen het blazen op de sjofar wanneer dat alleen een minhag [gewoonte] is, namelijk gedurende de maand Eloel, en wat is voorgeschreven door Tora (op Rosj Hasjana).

Het blazen op de sjofar in Eloel is bedoeld om ons uit onze lethargie en cynisme van het hele jaar op te wekken en om onze geest in de juiste stemming te brengen voor de Jamiem Noraïem (zie Amos 3:6: Zal er een sjofar gehoord worden in de stad en zullen de mensen dan niet beven?).

Selichot Boetvaardige gebeden

Volgens de Sefardische traditie beginnen de Selichot boetvaardige gebeden vanaf Rosj Chodesj Eloel. Zij gebruiken iedere dag, of beter gezegd iedere nacht, want zij beginnen vroeg in de ochtend, vóór zonsopkomst, dezelfde tekst. Het is de Asjkenazische gewoonte om op de zaterdagavond vóór Rosj Hasjana met de selichot te beginnen. Wanneer dat zou betekenen dat er minder dan vier dagen overblijven voor selichot, als Rosj Hasjana op maandag of dinsdag valt, dan begint men er een week eerder mee, op de daaraan voorafgaande zaterdagavond.

De kern van de selichot is het reciteren van de Dertien Eigenschappen van G-d, voorafgegeaan door een inleidende paragraaf. In oude tijden bestonden de selichot uitsluitend uit een aantal Bijbelverzen, die aan de Widoei zondebelijdenis voorafgingen. Het idee van de selichot komt duidelijk tot uitdrukking in het vers van Jeremiahoe in Klaagliederen (2:19): Ontwaakt, schreeuw het uit in de nacht, aan het begin van de nachtwake; stort je hart uit als water voor het aangezicht van Hasjem.

Hoewel de Asjkenazische Joden de inhoud van de selichot elke dag variëren, is ook bij hen de algehele structuur ervan iedere dag hetzelfde. De selichot dateren uit de tijd van de Geoniem (6-11de eeuw van de G.J.) en de middeleuwen. Wij kennen selichot van onder andere Rasji en Mozes Ibn Ezra.

Selichot kunnen gedurende de hele nacht gezegd worden tussen middernacht en zonsopkomst. Soms is het de gewoonte om ze s avonds te zeggen. Dit geldt met name voor de eerste avond van selichot. Sommigen zeggen het ook de avond voor Rosj Hasjana en op de avonden tussen Rosj Hasjana en Jom Kippoer.

Op andere dagen, wanneer de selichot erg vroeg in de ochtend gezegd worden, vlak voor Sjacharit, is het de gewoonte vroeg genoeg te beginnen, zodat ook sjacharit zelf vroeger kan beginnen dan anders. De selichot worden gezegd voordat men zijn talliet en tefillien aandoet.

De selichot beginnen met Asjrei, dan half-kaddisj, gevolgd door een collectie van Bijbelverzen, die allen samenhangen met het feit dat wij gezondigd hebben en om vergiffenis vragen. Het gedeelte eindigt met twee bekende verzen: De ziel is van U en het lichaam Uw maaksel heb genade voor het werk van Uw handen. De ziel is van U en het lichaam is Uw maaksel O Hasjem, doe het omdat U het bent.

Dit wordt gevolgd door de sjelosj-esrei midot de Dertien Eigenschappen van G-d, die dienen als een soort refrein na ieder van de volgende selichot. Die selichot variëren dus iedere dag van inhoud volgens de Asjkenazische minhag.

Ten slotte worden de selichot beëindigd met de hele kaddisj door de chazzan voorganger. De selichot zelf worden op een speciale melodie gezegd, waarvan het doel is ons op te wekken tot inkeer en om ons in de juiste stemming te brengen voor de Hoge Feestdagen.