Meer artikelen over Soekot

De Schuilplaats van het Geloof
door David Gottlieb & Akiva Tatz

Het ontdekken van de eeuwige relevantie van Soekot en mitswot in het algemeen.

In 2002, David Gottlieb, een seculiere jood die het priesterschap van het Zen-Boeddhist uitoefende, begon een correspondentie met Rabbi Akiva Tatz, een bekende auteur, chirurg en docent en internationaal erkende medisch ethicus. Gottlieb had een probleem. Zijn vrouw was een praktiserende conservatieve Jodin en hij werd steeds meer betrokken bij het boedisme en was ver van de Joodse traditie.

Wat volgde na de eerste vraag van Gottlieb aan Rabbi Tatz was een correspondentie die duurde meer dan een jaar en resulteerde in 2004 in de publicatie van "Letters to a Buddhist Jew," een intens per­soon­lijke verkenning van het leven en geloof. Het boek presenteert een uitgebreid gesprek tussen een rabbijn, geworteld in het traditionele Jodendom en een Jood op zoek naar betekenis binnen haar grenzen. Hieronder volgt een fragment uit het boek dat de relevantie van Soekkot, en oude praktijken in het algemeen, in de huidige wereld onderzoekt.

David:

Het schudden van de loelav en de etrog, het wonen in loofhutten, de toegewijde lezing van de Tora afdelin­gen over de brutale wreedheid in de oorlog, offers, plagen en martelingen van vijanden, sommige aspecten van het joodse leven en naleving, en de verhalen waarmee we onszelf leiden, lijken arrogant, bizar en oor­logszuchtig voor de moderne gevoeligheden. Hoewel er geen twijfel aan bestaat dat het joodse volk de westerse wereld begiftigd heeft met veel, zo niet alle, van zijn normatieve wetten, is het toch vreemd dat wij ons houden aan de gewoonten en de verhalen vertellen van een oude agrarische conglomeraat van noma­dische stammen terwijl de wereld zo veel veranderd is.

Een groot deel van het jodendom lijkt ondoordringbaar en archaïsche, zodat het de laatste plaats lijkt waar veel joden zouden kijken voor een vitale verbinding met het Goddelijke. Een boek dat onlangs veel aandacht kreeg in de Verenigde Staten [„Nothing Sacred: The Truth About Judaism,” door Douglas Rushkoff] beweert dat het jodendom stervende is omdat rituelen de geestelijke waarheid van de religie hebben bevroren in ontoegankelijke amber, en wat er nog over is, is onteigend door joodse organisaties met behulp van de Israëlisch/Palestijnse crisis als een excuus om geld in te zamelen om zichzelf in stand te houden. Deze mening is niet helemaal onrepresentatief voor het standpunt dat velen van mijn generatie innemen op het hedendaagse jodendom.

Akiva:

Je brengt twee punten naar voren: ten eerste, de tijd maakt bepaalde „tradities” betekenisloos, en ten tweede, barbaarse en verschrikkelijke dingen zijn niet geschikt om te bestendigen, en je maakt een veronderstelling: we waren ooit een „agrarische conglomeraat van nomadische stammen” en onze tradities komen daaruit voort.

Wat je „tradities”  noem zijn mitzvot, geboden - je citeert Soeka, loelav en etrog, dit zijn bijbelse gebo­den. Er zijn twee categorieën van mitswot: die tussen mens en God, en die tussen mens en mede­mens. Die tussen mens en medemens, neem ik aan, geven je geen enkel probleem; je hoeft geen enkele van hen uit te sluiten - vriendelijkheid, liefdadigheid, lenen aan iemand die behoefte heeft aan een lening, en ga zo maar door. (Dit zijn alle geboden van de Tora, precies zoals Soeka en loelav geboden zijn van Tora.) Dus ik neem aan dat het probleem is de mens-God-mitswot. Maar waarom zouden die minder relevant geworden zijn dan ze waren toen ze werden gegeven? Je kiest zelf het voorbeeld van de Soeka, laten we eens een ogenblik kijken naar die mitswa en zien of die enige relevantie verloren heeft met het verstrijken van de tijd.

Ik ga je suggereren dat in tegenstelling tot je veronderstelling, deze mitswa meer relevant is in de moderne tijd dan hij ooit was. Wat ligt achter dit gebod? Wat is de betekenis ervan en wat is de meditatie die de uit­voering ervan zou moeten begeleiden?

Wonen in hutten is in feite een oefening in ego ontkenning.

Wonen in hutten is in feite een oefening in ego ontkenning; het werkt om geloof in de spirituele Bron te bouwen en niet in het materiële domein van de controle van de mens. De Soeka vereist een dak dat heel onmaterieel is, zoals je ongetwijfeld zult weten - het moet dun genoeg zijn om de regen door te laten, het is goed als je de sterren er doorheen kan zien.

In feite, een van de wortel-betekenissen van het Hebreeuwse woord Soeka is „om te zien.” Wanneer je je permanente woning (het spreekwoordelijke „dak boven je hoofd”) verlaat en verhuist naar een hut die nauwelijks een dak heeft, dan ontwikkel je het vermogen om door het materiële heen te zien en om het hogere waar te nemen. De verleidelijke illusie is dat onze veiligheid voortvloeit uit de materie; de Soeka leert ons dat als er veiligheid is, die van elders komt.

De Kabbalistische teksten noemen de Soeka de „schuilplaats van het geloof.” Het Soekotfeest vindt plaats in het oogstseizoen; de boodschap is dat precies wanneer je je oogst in je huis brengt, precies op het moment dat je je het meest onafhankelijk kunt voelen, het veiligst, de Tora zegt: „Voorzichtig! Kom niet los van de werkelijke bron van alles wat je hebt”. Op Soekot lezen we Kohelet (Prediker) -  „Alles is ijdelheid ", inves­teer niet te veel in deze wereld. Dit is de rode draad die door  alle com­men­taren loopt.

Dus wonen in hutten dient om je bewust te maken van de hogere wereld, om je blik figuurlijk omhoog te richten, door de dunne bedekking van de Soeka en niet om in je huis op de veiligheid van het betonnen dak te vertrouwen. Dit is een voelbare ervaring van het verlaten van het materiële en uitgaan naar een ander soort bestaan.

Is dit minder relevant vandaag de dag dan het ooit was? Het zou kunnen zijn dat het nu juist meer relevant is. Met de ontwikkeling van de technologie, met de verovering van steeds meer van de materiële omgeving, komt de verleiding om aan te nemen dat wij alles in de hand hebben, dat wij de volledige beheersing van onze wereld naderen. Naarmate we meer gebieden van de fysieke wereld onderwerpen, vergroten we dit gevaar. Het ultieme gevaar hier is niet alleen de verkeerde veronder­stelling van competentie en controle, de gevaarlijke illusie is dat we denken voor alles in onze wereld te kunnen zorgen, maar in wezen versterken we onze ego, en dat is de echte bron van alle rampen.

Als je leeft in een solide huis met technologie die blijkbaar garant staat voor je veiligheid, dan heb je meer kans om te vergeten van waar je echte bescherming komt. De moderne cultuur bevordert een gevoel van zelfgenoegzaamheid en menselijke macht, een „we hebben het onder controle” mentaliteit. We hebben minstens evenveel inspanning nodig om dat te controleren als in de oude tijden.

Je koos het voorbeeld van de Soeka, maar we kunnen de relevantie van alle mitswot aantonen. De redenen en de voordelen die wij begrijpen zijn niet de uiteindelijke redenen voor de mitswot, ze zijn alleen de elementen waarnaar we kunnen verwijzen. De ultieme redenen liggen buiten ons bereik, omdat de mitswot worden gege­ven door de ultieme bron van de werkelijkheid, natuurlijk zijn ze relevant vandaag de dag. Maar zelfs op het beperkte niveau dat we ze kunnen begrijpen kunnen we hun tijdloze relevantie aantonen.

Welke andere feesten zijn irrelevant in de moderne tijd? Pesach, dat de boodschap van vrijheid leert? Sjavoeot, het geven van de Tora? Poeriem – wanneer we leren de verborgen hand te zien achter de natuur? Chanoeka - de oorlog tegen de Griekse anti-spirituele ideologie die probeert onze spirituele identiteit te vernietigen? Tisha B'Av - rouw en berouw veroorzaakt door alle holocausts en verwoes­tingen, uit een ver, zowel als uit een recent verleden?

Welke mitswot? Zeg me niet dat koosjer eten gezondheid is, en dat nu ons voedsel vandaag veilig en gezond is, het kasjroet irrelevant is. Koosjer voedsel heeft niets te maken met de gezondheid (heel de Tora heeft secundaire voordelen die de inachtneming ervan vergezellen, maar ze zijn alleen de randverschijnselen.) Niet koosjer voedsel is geestelijk ongevoelig, niet ongezond. De Tora is vooral een spiritueel pad, niet een sociale en medische gids.

Een populaire vervorming van de Tora suggereert dat de Sjabbat wetten er zijn omwille van de „rust”, en alle dingen die niet meer de inspanning vereisen die ze ooit wel nodig hadden, zijn nu toegestaan. Maar Sjabbat heeft niets te maken met rust in de fysieke zin. Wat op Sjabbat verboden is, dat is creatieve activiteit, werken is niet verboden. De mate van inspanning is niet relevant, en zo is het altijd geweest. Sjabbat is een dag van afzien van creatie, een dag van consolidatie van de prestaties van de afgelopen week, een anticipatie van de volgende wereld waar de hele schepping ophoudt te bestaan, een ervaring van de bestemming die de reis zijn betekenis geeft.

Dat is nog altijd net zo relevant. Wat betreft de secundaire voordelen, de eenvoudige vreugde van het familie samenzijn op Sjabbat, zonder media onderbreking, niet te hoeven vliegen van de ene activiteit naar de vol­gende, dat zo kenmerkend is voor de week, is van onschatbare waarde. De hoogwaardige tijd die huwelijk en gezin nodig hebben, een volledig ongestoorde rust, die Sjabbat brengt, mensen die deze ervaring niet hebben, kunnen geen idee hebben van wat ze missen.

Welke van de mitswot van de 613, die we vandaag de dag nog in staat zijn om ze te doen, heeft de tijd overbodig gemaakt? Vriendelijkheid, liefdadigheid, het bezoeken van de zieken, het ver­strek­ken van medi­sche behandeling, het geven van renteloze leningen aan de armen, het terugbrengen van verloren voor­werpen, bouw-veiligheids­voorschriften (een uitdrukkelijke bevel van de Torah )...?

En welke verboden zijn nu niet meer van belang? Wreedheid tegen dieren, de wetten van de nauwgezette zakelijke eerlijkheid (de Tora verbiedt zelfs het bezit van onjuiste maten en gewichten) – wat is niet langer van toepassing voor ons? Overspel? Moord? Diefstal? Jaloezie? Meineed?

Elk aspect van de geneeskunde vereist spirituele kennis, de Tora begeleidt het proces bij elke stap.

De menstruele afscheidings wetten? De Talmoed geeft aan dat een van de redenen waarom we iedere maand voor enkele dagen van onze vrouwen scheiden, is om een vonk van opwinding op het sensuele gebied van het huwelijk te handhaven, dat anders al te vaak afdaalt in verveling, vermoeide echo's van de eetlust die ooit werden opgewekt. Is het huwelijk nu niet meer een uitdaging?

De wetten die intieme beslotenheid verbieden van man en vrouw die niet getrouwd zijn met elkaar (jichoed) zijn bedoeld om de onbedoelde ontwikkeling van buitenechtelijke relaties te voorkomen; welke maatschappij heeft dat probleem overwonnen?

Denk je misschien aan de specifieke wetten die van toepassing zijn op Kohaniem, de wetten die hun specifieke spirituele status definiëren? Maar waarom zou de moderniteit dat veranderen? Als je een  probleem hebt met het begrijpen waarom er voor Kohaniem unieke wetten moeten zijn in de eerste plaats, dan is dat zeker de moeite van een discussie waard, maar heeft niets te maken met mitswot die door de tijd veranderd zijn.

Misschien bedoel je mitswot voor vrouwen. Maar nogmaals, de unieke mitswot die van toepassing zijn op vrouwen, zijn nu, zoals altijd van toepassing - de tijd heeft de essentiële aard van de vrouw niet ver­anderd. En nogmaals, als je worstelt met het verschil tussen de unieke rol van vrouwen en die van mannen in de Tora, dat is ook een onderwerp voor verdere analyse, maar de tijd heeft niet de funda­menten veranderd.

Natuurlijk zijn er mensen die beweren dat bepaalde mitswot nooit relevant waren – maar dat heeft niets te maken met veranderingen die de tijd heeft gewrocht, dat is een probleem van duidelijke en simpele ont­ken­ning van de hele Tora. Voor iemand die mitswot als zodanig ontkent, is de tijd geen probleem.

Wetenschappelijke en technologische vooruitgang verminderen niet het belang van spirituele wijsheid. Denk je dat ik zou kunnen functioneren in de geneeskunde vandaag de dag zonder Tora-leiding, omdat de moderne geneeskunde dat overbodig maakt? Hoe zou ik kunnen functioneren zonder dat? Abortus werd tweeduizend jaar geleden al beoefend en het wordt nu beoefend. Ons probleem is niet technisch, ons probleem is de moraal en het spirituele, en moderne technologie heeft daar niets aan veranderd. Elk aspect van de geneeskunde vereist spirituele kennis, de Tora begeleidt het proces bij elke stap.

Welke gegevens zijn nodig? Bijvoorbeeld, de Joodse wet bepaalt uitdrukkelijk dat een arts een patiënt niet mag behandelen als er een meer gekwalificeerde arts beschikbaar is. Er is een dwingende verplichting van Tora om de patiënt de best mogelijke behandeling te geven. Dit hier is niet de plaats om de details en uitzonderingen van die wet te onderzoeken, maar ik kan je verzekeren dat het vandaag geldt zoals het altijd gegolden heeft, en dat het nog net zo nodig is. Als een Joodse arts moet ik weten wat is toegestaan ​​en wat verboden is, net zoals mijn voorouders, die dokters waren, dat in hun tijd deden.

Dus is moderniteit een reden voor de ondergang van mitswot? Ik denk het niet, David.

Er bestaat niet zoiets als ritueel in het Jodendom.

Voor wat betreft bevroren spiritualiteit en rituelen: het is niet het ritueel dat de Joodse spiritualiteit doodt, er is niet zoiets als ritueel in het jodendom, en niet zoiets als symboliek, als deze termen verwijzen naar lege praktijken en beelden. Elke actie, zelfs de eenvoudigste gewoonte in Tora-praktijk is slechts een lichaam dat een levende ziel bevat. We hebben geen rite, geen rituelen en geen symbool dat niet de fysieke uitdrukking is van een onpeilbare diepte, zo zeker als het levende lichaam het geringste aspect is van een kosmische ziel, alleen de fysieke uitdrukking van die ziel.

We hebben ook geen sentimentaliteit: in het Jodendom dient alle sentiment een oneindige geest. Er is niets fundamenteler in de Tora dan dit. Heel de wereld is een uitdrukking van de dualiteit van vorm en materie, ziel en lichaam, Tora en mitswa, denken en handelen, betekenis en expressie. Natuurlijk weet je dat dualiteit zowel tweeledig als enkel is – ziel en lichaam, Tora en mitswa, spirituele essentie en het „ritueel” of het symbool dat die essentie tot uitdrukking brengt, ze zijn allemaal voorbeelden van een dualiteit dat uitmondt in eenheid, de eenheid van de Schepper en Schepping.

Een uittreksel van „Letters to a Buddhist Jew.
Met dank aan het
World Jewish Digest en aan Aish.Com waar dit artikel in het Engels te vinden is.