index

Home

Overzicht Parasjat Wajera (Genesis 18:1 – 22:24)

D rie dagen nadat hij zichzelf besneden heeft, wordt Awraham bezocht door Hasjem. Wanneer drie engelen in mensenge­daante verschijnen, rent Awraham hen tegemoet om hen gast­vrijheid te bewijzen en hen uit te nodigen in zijn tent, dit ondanks dat het de meest pijnlijke dag is na de operatie.  Sara lacht wanneer zij hoort dat de gasten voorspellen dat zij volgend jaar een zoon zal krij­gen. Hasjem onthult aan Awraham dat Hij van plan is Sedom te ver­woesten, en Awraham pleit voor Sedom, dat het gespaard zal worden. Hasjem stemt ermee in dat wanneer er vijftig rechtvaardigen in Sedom zijn, Hij het niet zal verwoesten. Awraham „onderhandelt” met Hasjem tot dat aantal gedaald is tot tien rechtvaardigen. Maar zelfs die tien kun­nen niet gevonden worden in Sedom. Lot, diens vrouw en twee doch­ters worden gered, voordat zwavel en vuur op Sedom en haar zustersteden neerdalen. De vrouw van Lot kijkt om en wordt veranderd in een zoutpilaar. De dochters van Lot zijn bang, dat ten gevolge van de verwoesting er geen echtgenoten meer voor hen zijn. Zij besluiten daar­om hun vader dronken te voeren en door middel van hem het men­selijke ras te doen voortbestaan. Uit de oudste dochter wordt Moav geboren, uit de jongste Ammon. Intus­sen is Awraham verhuisd naar Gerar, waar Avimelech Sara ontvoert. Nadat Hasjem aan Avimelech verschijnt in een droom, laat hij Sara vrij en sluit vrede met Awraham. Zoals beloofd krijgen Awraham en Sara een zoon, Jitschak. Op de achtste dag na zijn geboorte besnijdt Awra­ham hem, zoals G-d gebo­den heeft. Op de dag dat Jitschak gespeend wordt, geeft Awraham een feest. Sara zegt tegen Awraham dat hij Hagar en haar zoon Jismaël moet verbannen omdat zij in hem tekenen van degeneratie ziet. Awra­ham is zeer ontdaan over dit voorstel, om zijn zoon weg te sturen. Maar Hasjem zegt hem te doen wat Sara hem opdraagt. Nadat hij bijna van dorst is omgekomen, wordt Jismaël gered door een engel en Hasjem belooft dat hij de stamvader zal worden van een machtig groot volk. Avimelech sluit een verdrag met Awraham, wanneer hij ziet dat Hasjem met Awraham is. In een tiende en laatste test geeft Hasjem Awraham opdracht zijn zoon Jitschak, die nu 37 jaar is, te offeren. Awraham doet wat Hasjem hem gezegd heeft, ondanks dat hij daarmee klaarblijkelijk de geboorte van een Joods volk in de kiem smoort, en dit strijdig is met alles wat hij zijn levenlang gepredikt heeft. Op het laatste moment zendt Hasjem een engel om Awraham tegen te houden. Wegens Awrahams niet te weerspreken gehoorzaamheid, belooft Hasjem hem, dat zelfs als het Joodse volk zal zondigen, zij nimmer volledig door hun vijanden zullen worden overheerst. De para­sja eindigt met de geneologie en geboorte van Rivka.

Met toestemming vertaald uit Torah Weekly van Ohr Somayach in Jerusalem, Israel

İ1998 Ohr Somayach International - All rights reserved.