Eroevien-Archief


DAF-Notities Eroevien 86a

Door Rabbi Mendel Weinbach, decaan Ohr Somayach


Waarom de rijken geëerd worden

Zowel Rabbi Akiva als Rebbi toonden respect voor rijke mensen en gaven hun erezetels wanneer zij hen kwamen bezoeken. Rebbi zond zelfs een boodschap naar de zeer rijke vader van een van zijn bezoekers, die hij niet zoveel eer had betoond [vanwege zijn wat armoedioge kleding] als hij aan anderen had betoond. Omdat hij hem ervan verdacht rijk te zijn, zond hij hem de instructie om zijn zoon te kleden in overeenstemming met diens rijkdom, zodat hij de eer zou krijgen die hem toekwam.

Deze Geleerden werden er zeker niet van verdacht dat zij de rijken eerden voor secundaire doeleinden. Maar waarom dan vonden zij het nodig om mensen te eren wegens hun rijkdom?

Een vers in Tehilliem (61:8) wordt geciteerd door Rabba bar Meïri als basis voor deze benadering. Het spreekt over een geordende wereld in de aanwezigheid van G-d, een wereld van liefde en waarheid, van behoud en voorspoed.

De commentatoren hebben verschillende interpretaties van dit vers gegeven die zouden verklaren wat dit te maken heeft met de eer voor rijken:

·   Wanneer er rijke mensen zijn, die goede dingen en liefdadigheid doen, dan is de wereld geordend voor G-d. Daarom krijgen zij eerbied van de Schepper en dat is voor ons een reden om hen ook eer te bewijzen.

·  Wanneer zij geen liefde en rechtvaardigheid ten opzichte van de minder gefortuneerden zouden tonen, zouden zij niet hun fortuin behouden hebben en daarom verdienen zij eer.

·  De Midrasj zegt dat Koning David G-d vroeg om orde in Zijn wereld te scheppen, waarin alle mensen gelijk zouden zijn, waarin niemand rijk of arm is. G-d legde hem uit dat een dergelijke orde de mogelijkheid van liefdadigheid zou uitsluiten.

Deze bovengenoemde drie antwoorden werden gegeven door een van de vroeger commentatoren, Rabbi Natan van Rome, in zijn klassieke werk Sefer HèAroech. Er is nog een ander interessant gezichtspunt, dat door sommige latere commentatoren naar voren gebracht wordt:

Rabbi Akiva en Rebbi waren beiden vooraanstaande Geleerden, die ook allebei buitengewoon rijk waren. Zij waren er zeer afkerig van als mensen hen eerden wegens hun Tora-kennis, omdat zij weigerden om ook maar enigermate te profiteren van Tora. Daarom toonden zij openlijk respect voor rijke mensen, zodat als anderen hen eerbied betoonden, dat kon worden toegeschreven aan hun rijkdom en niet aan hun Tora-geleerdheid.


Als iemand niet thuis is op Sjabbat

Wanneer één van de bewoners van een binnenhof niet mee doet aan een eroev, dan kunnen noch hij, noch zijn buren op Sjabbat voorwerpen uit hun huis naar de gemeenschappelijke binnenplaats brengen, noch daar dragen. Maar geldt dit verbod ook als een van de bewoners besluit om een Sjabbat in een andere stad door te brengen?

Met betrekking tot dit probleem bestaan vele meningen.

Rabbi Meïer is van mening dat een huis beschouwd kan worden als een woning, waarvan de deelname aan de eroev  van doorslaggevend belang is voor de effectiviteit van de eroev, zelfs als de eigenaar/bewoner op Sjabbat niet thuis is. Rabbi Jehoeda neemt het tegenovergestelde standpunt in. Rabbi Jossi maakt onder­scheid tussen een Jood en een niet-Jood. Daar het mogelijk is dat de niet-Jood terugkeert naar zijn huis op Sjabbat, moet zijn woning als bezet beschouwd worden, een mogelijkheid die niet bestaat voor een Jood, die niet kan reizen op Sjabbat.

Rabbi Sjim’on gaat zelfs nog verder en sluit de kans uit dat de afwezige Jood terugkeert op Sjabbat als hij in dezelfde stad bij zijn dochter logeert. Maar hij concludeert dat de veronderstelling dat een man de hele Sjabbat wegblijft, alleen beperkt is als hij bij zijn getrouwde dochter logeert, maar als hij bij zijn getrouwde zoon logeert, moeten we er rekening mee houden dat hij terugkeert. De reden is dat een man zich in het algemeen comfortabeler voelt bij zijn getrouwde dochter en schoonzoon thuis dat bij zijn getrouwde zoon en schoondochter. Wanneer hij zijn zoon bezoekt, sluit hij de idee niet uit dat hij die Sjabbat nog naar huis terugkeert, want er kan een conflict ontstaan met zijn schoondochter en dat zou hem naar huis kunnen doen terugkeren.