Eroevien-Archief


DAF-Notities Eroevien 99a

Door Rabbi Mendel Weinbach, decaan Ohr Somayach


Waar het land

Een schijnbaar onschuldig iets, zoals spugen vanuit je huis in de straat, wordt beschouwd als een overtreding van Sjabbat. Het staat gelijk aan iets vervoeren van privégebied naar publiek terrein. Rav Josef concludeert van onze Misjna dat als iemand zoiets doet, zonder te weten dat het verboden is, hij een zondoffer moet brengen om verzoening te krijgen, zoals het geval is in ieder ander geval van onopzettelijke overtreding van Sjabbat.

Rav Josef wordt door de Gemara aangevallen. Om te worden gerekend als een Sjabbat-overtreding moet men iets opnemen van een oppervlak dat minstens vier ´ vier tefachiem [handbreedtes] in het vierkant is en het vervolgens neerzetten in het andere gebied op een oppervlak van minstens dezelfde afmetingen. Iemands mond is zeker niet zo groot, dus hoe kunnen we dat het overbrengen van het sputum als een Sjabbat-overtreding beschouwen?

Deze aanval wordt weerlegd met behulp van de introductie van een nieuw begrip. Iemand bedoelingen kunnen zelfs een oppervlak van minder dan vier ´ vier tefachiem de status bezorgen van een groot oppervlak. Als precedent hiervoor wordt een beslissing van Rav genoemd: Wanneer iemand voedsel over een afstand van vier ammot gooit op openbaar terrein en hij richt dat zo, dat het in de bek van een hond wordt opgevangen, die het opeet, of als hij het in de opening van een oven gooit, waar de vlammen het onmiddellijk verteren, dan is hij schuldig aan overtreding van Sjabbat en moet hij een zondoffer brengen.

Noch de bek van de hond, noch de opening van de oven hebben een afmeting van vier bij vier tefachiem. Maar omdat de persoon erin geïnteresseerd is dat het voedsel op die plaatsen terecht komt, maakt zijn bedoeling dat de oppervlakten de status krijgen van een groter oppervlak met de daarbij horende afmetingen. Zo ook als iemand zijn mond wil ledigen van speeksel, dat maakt hij daarmee zijn mond als het ware gelijk aan een oppervlak van vier bij vier tefachiem.

Tosafot wijst erop dat Rava’s uitspraak van toepassing is op een situatie, waarin men een definitieve voorkeur heeft voor het kleiner oppervlak, zoals in het geval van de hond, die hij wilde voeren, of een vlam, die hij wilde gebruiken om het ongewilde voedsel te vernietigen.