Zevachiem-index

DAF-Notities – Zevachiem 57b
Door Rabbi Mendel Weinbach, decaan Ohr Somayach

Daf 57b

Een tijdslimiet

De misjna leert ons dat het korban pesach alleen ’s avonds gegeten mag worden (niet op de dag dat het geslacht is, zoals bij andere offers) en alleen tot middernacht.

Deze misjna wordt aangehaald als steun  voor de vaststelling van de halacha overeenkomstig de mening van Rabbi Elazar ben Azarja, die zich op het standpunt stelt dat het korban pesach slechts tot middernacht gegeten mag worden en niet zoals Rabbi Akiwa meent, tot het ochtendgloren.

Hoewel wij vandaag de dag geen korban pesach hebben, heeft deze regel toch invloed op onze eetgewoonte op de seder-avond van Pesach. De geleerde Rava zegt dat aangezien de Tora het eten van matsa verbindt aan dat van het korbnan pesach, wij slechts matsa mogen eten (een verplichting die ook geldt als we geen korban pesach kunnen brengen) tot middernacht, overeen­komstig de mening van Rabbi Elazar ben Azarja, en alleen zo kunnen wij de mitsa uitvoeren.

Zowel Tosafot als Ran strekken deze deadline van middernacht uit tot het eten van de afikoman, daar dat gegeten wordt als een aandenken aan het korban pesach. Wat betreft het lezen van Hallel na de afikoman echter bestaat er een verschil van mening. Ran haalt in traktaat Meĝilla een Tosafist aan, volgens wie ook dat slechts tot middernacht gezegd mag worden. Maar Tosafot in Meĝilla 21a merkt op dat aangezien Hallel slechts een rabbijnse verplichting is, hoeft men daar niet zo streng in te zijn om dat te zeggen vóór middernacht.

De Sjoelchan Aroech [O.Ch. 477:1] bepaalt dat de afikoman vóór middernacht gegeten moet worden, maar zegt niets over Hallel. De Rama voegt daar echter aan toe dat men de seder vroeg genoeg moet beginnen, opdat men Hallel voor midderdacht kan zeggen. Gebaseerd op de bovengenoemde bronnen kunnen wij begrijpen waarom de Misjna Beroera erop wijst dat men moeite moet doen om Hallel vóór middernacht te zeggen, maar dat dit niet zulk een ernstige aangelegenheid is als de afikoman.