Archief Joma

Aanmelden

woensdag 10 juli 2006

14 Tamoez 5766

Aan de orde van de daf

De voornaamste onderwerpen van Traktaat Joma 33

Door Zwi Goldberg

De volgorde van de dagelijkse dienst

Abbajjé vertelt uit naam van Abba Sjaoel de volgorde waarop de dagelijkse dienst in de Tempel gebeurde:

1. Het grote vuur op het altaar werd in orde gemaakt, waar de offerstukken op verbrand werden.

2. Een tweede, kleiner vuur werd gereed gemaakt, ook op het altaar, maar meer aan de noordkant, waar houtskool op werd gelegd voor het binnenaltaar voor de verbranding van het reukwerk.

3. Daarna werden de twee houtblokken op het vuur gelegd.

4. De as van het binnenaltaar werd afgezonderd. [De afscheiding van de as van het buitenaltaar gebeurde voordat de twee houtblokken op het vuur gelegd werden.]

5. Vijf lampen van de Menora werden schoon gemaakt.

6. Daarna werd het bloed van het ochtend-tamied op het altaar gegooid [nadat eerst het tamied geslacht werd].

7. De twee overige lampen van de Menora werden schoongemaakt.

8. Het reukwerk werd op het binnenaltaar verbrand.

9. De ledematen van het tamied werden op het buitenaltaar verbrand.

10. Mincha [de nesech met het tamied, zie Num. 28:5 (Rasji).]

11. De chawitien [het dagelijkse mincha-offer van de Kohen Gadol].

12. Het wijn-plengoffer van het tamied.

13. Het moessaf-offer[op Sjabbat].

14. De lepels met reukwerk op de tafel met de Toonbroden werd [op Sjabbat] op het buitenaltaar verbrand.

15. Het middag-tamied.

En na het middag-tamied mogen geen offers meer gebracht worden.

De bronnen voor de volgorde van de diensten

De bron van (1) en (2): Lev. 6:2: „Dit is de leer van het brandoffer, dat is het brandoffer dat op de brandstapel op het altaar in vlammen opgaat, de hele nacht, tot de ochtend,” dit is het grote vuur; „En het vuur van het altaar zal daarop brandend gehouden worden” [idem] Dat is het kleine vuur.

De bron voor (2) en (3): Lev. 6:5: „En het vuur op het altaar moet erop brandend gehouden worden… en de priester zal er elke ochtend hout op ontsteken.” Dus de houtblokken komen na het in orde maken van het vuur.

De bron voor (3) en (4): Lev. 6:5: Daar het reukwerk verbrand wordt op kolen van het buitenaltaar, moet dat vuur van het buitenaltaar eerst in orde gemaakt worden.

De bron voor (4) en (5): Het is een traditie die Abbajjé heeft overgeleverd gekregen, maar hij weet niet waarom.

Rawa verklaart: het is zoals Reisj Lakisj gezegd heeft: We laten de gelegenheid van een mitswa niet voorbijgaan. D.w.z. zodra de gelegenheid van een mitswa zich voordoet, grijpen we hem. En zodra de Kohen de Heichal binnenkomt, ontmoet hij eerst het altaar [het gouden altaar stond dichter bij de ingang dan de Menora. Zie tekening].

Daf 33b

Het leggen van de tefillien

De Gemara leidt uit de uitspraak van Reisj Lakisj nog iets af: men moet de gelgenheid om de tefillien van de arm te leggen niet voorbij laten gaan, door eerst de hoofd-tefillien te leggen, maar men moet eerst de tefillien van de arm en daarna die van het hoofd leggen. [Tosafot heeft een andere verklaring: dat men de arm-tefillien moet leggen vóór die van het hoofd, blijkt uit de volgorde waarin ze in het vers Deut. 6:8 genoemd worden: „En je zult ze binden als een teken op je arm en ze zullen totafot tussen je ogen zijn.” Reisj Lakisj leert ons daarom dat we eerst de tefillien van het hoofd in het zakje moeten opbergen en daarna die van de arm, zodat we de volgende keer, als we de tefillien leggen, niet over de tefillien van het hoofd heen hoeven te reiken, om eerst de tefillien van de arm te kunnen leggen. [Daarom mag men ook niet het zakje met de tefillien boven op het talliet in de talliet-zak bewaren, want men moet eerst het talliet aantrekken, voordat men de tefillien legt, en dan zou men eerst de tefillien uit de zak moeten halen, en daarbij gaat men voorbij aan een mitswa.]

Het vervolg van de bronnen voor de volgorde van de diensten

De bron voor (5), (6) en (7): Wat is de reden dat de bloed-dienst tussen het schoonmaken van de lampen komt? Abbajjé antwoordt: dat leiden we af van vers 6:5: „En de Kohen zal het hout iedere ochtend [lett.: in de ochtend, in de ochtend] aansteken .”  We hebben echter al geleerd dat de plaatsing van de twee houtblokken aan de verwijdering van de as vooraf gaat, dus dit „in de ochtend, in de ochtend” komt iets anders vertellen, namelijk de eerste „in de ochtend” komt vertellen dat het schoonmaken van de vijf lampen komt vóór de bloed-dienst, en de tweede „in de ochtend” dat de bloeddienst komt voor de twee lampen.

De Gemara vraagt: Waarom maakt de Kohen eerst vijf en daarna twee lampen schoon en niet andersom?

De Gemara antwoordt: Wanneer de Kohen daarmee begint, doet hij gelijk de meerderheid van de lampen.

De Gemara vraagt: En waarom doet hij dan eerst vijf en niet zes lampen?

De Gemara antwoordt: Omdat er dan nog maar één lamp overblijft, en er staat geschreven (Ex. 30:7): Wanneer hij de lampen schoonmaakt, zal hij het reukwerk in rook doen opgaan.” Er staat „lampen”, dat zijn er minstens twee.

De bron voor (7) en (8): Exodus 30:7 geeft de volgorde aan.

De bron voor (8) en (9): Exodus 29:39 zegt over het ochtend-tamied: „Het ene schaap zul je in de ochtend bereiden,” dus er staat eenmaal „in de ochtend,” terwijl over het reukwerk tweemaal „in de ochtend” staat geschreven, dus dat betekent dat het reukwerk vroeger in de ochtend komt dan het tamied.