Men mag geen troema afscheiden van olie
voor olijven die geplet worden1 en niet van wijn voor
druiven die worden uitgeperst2. Als men [toch op die
manier] troema heeft afgescheiden, dan is die troema geldige
troema3 maar men moet [toch] opnieuw troema afscheiden4.
De eerste is op zichzelf medoema5 en men is
verplicht er een vijfde aan toe te voegen6, maar de
tweede niet7.
Toelichting bij Misjna 1:8
1. Olijven die geplet worden � Het is de gewoonte dat men
olijven fijnstampt in een vijzel (RAV).
2. Dit is volgens Rambam niet toegestaan omdat men dan
troema van een afgewerkt product afscheidt voor een schijnbaar
onafgewerkt product (TJT).
3. Het is geldige troema � Volgens Tora-wet (RAV).
4. Men moet opnieuw troema afscheiden � Dit is een
voorschrift van de Rabbijnen, d.w.z., nadat de olijven geplet of
de druiven zijn uitgeperst, moet men van de daaruit voortgekomen
olie of wijn troema afscheiden (RAV). Volgens de
Jeroesjalmi is het een straf, opgelegd door de Rabbijnen (Misjna
Risjona).
5. De eerste is op zichzelf medoema � Dat wil
zeggen, wanneer dat valt in een hoeveelheid choelien die
minder is dan honderd maal de troema, dan is dat medoema
[zie inleiding], en men verkoopt dat aan een kohen, want het is
echte troema volgens Tora (RAV).
6. Men is een vijfde verplicht � Een niet-kohen die per
ongeluk troema eet, moet de waarde ervan plus een extra vijfde van
de waarde aan een kohen betalen en datzelfde geldt voor de op de
hier beschreven troema (RAV).
7. Maar de tweede niet �� Want dat is alleen maar een
opgelegde boete door de Rabbijnen en een mengsel ervan met
choelien is dus geen echte medoema. Dus het is gewoon
tevel waarvan maäser en troemat maäser
genomen moet worden (RAV).