Indien u in het onderstaande fouten ontdekt, wordt u vriendelijk verzocht dit te melden aan: zwigold@netvision.net.il

Inhoudsopgave Tanach

 

toon commentaar

BEREISJIET (Genesis) – HOOFDSTUK 6

PARASJAT BEREISJIET-NOACH

6. 1. Het gebeurde, dat toen de mens zich begon te vermeerderen over het oppervlak van de aardbodem en hem dochters geboren werden, 2. toen zagen de goddelijke zonen de dochters van de mensen dat zij mooi waren en zij namen voor zich vrouwen van elk die zij zich wensten.

3. Daarop zei de Eeuwige: Mijn geest zal niet altijd blijven twisten met de mens, want hij is van vlees en zijn dagen zullen honderdtwintig jaar zijn.

4. De reusachtigen waren op aarde in die dagen en ook daarna, toen de goddelijke zonen bij de dochters van de men­sen kwamen, die hun [kinderen] baarden; dit zijn de helden die van oudsher man­nen van naam waren.

5. De Eeuwige zag dat de slechtheid van de mens groot was op aarde en dat iedere neiging van de gedachten van zijn hart alleen maar slecht was, de gehele dag. 6. En het berouwde de Eeuwige dat hij de mens op aarde gemaakt had en het deed Hem verdiet in Zijn hart.

7. Toen zei de Eeuwige: Ik zal de mens die Ik geschapen heb van de aardbodem wegvagen, van het vee en het kruipende gedierte tot de vogels in de hemel, want Ik heb er spijt van dat Ik hen gemaakt heb.

8. Maar Noach vond gunst in de ogen van de Eeuwige.

9. Dit zijn de nakomelingen van Noach; Noach was een rechtschapen man, vol­maakt onder zijn tijdgenoten; Noach wandelde met G-d.

10. Noach bracht drie zonen voort: Sjem, Cham en Jafet.

11. De aarde nu was verdorven voor God, de aarde was vol van geweld.

12. God zag de aarde en kijk, hij was verdorven want alle wezens leidden een verdorven levens­wandel op aarde.

13. Toen zei God tegen Noach: „Het einde van alle levende wezens is voor Mij aangekomen, want de aarde is vol geweld door hen, en zie, Ik verdelg hen van de aarde.

14. Maak voor jezelf een ark van goferhout; je moet hokken in de ark maken en haar vanbinnen en vanbuiten met pek bestrijken.

15. En zó moet je haar maken: driehonderd el de lengte van de ark, vijftig el haar breedte en dertig el haar hoogte. 16. Een licht moet je maken in de ark, één el van de bovenkant laat je het ophouden, en de ingang van de ark plaats je aan de zijkant; een onderste, een tweede en een derde verdieping moet je maken.

17. En Ik, kijk, Ik zal een watervloed over de aarde brengen om elk wezen waarin een levensgeest is, van onder de hemel te verdelgen; alles wat op aarde is zal omkomen.

18. Maar Ik sluit Mijn verbond met jou: jij zult in de ark gaan, jij en je zonen en je vrouw en de vrouwen van je zonen met jou.

19. En van al wat leeft en van elk wezen, van elk zul je er twee naar de ark brengen om met jou te overleven, een mannetje en een vrouwtje moeten het zijn.

20. Van iedere soort van de vogels en van iedere soort van het vee, van al het kruipend gedierte op de aarde van iedere soort zullen er twee van elk naar jou toekomen, om in leven te blijven.

21. En jij, neem van al het voedsel dat gegeten wordt, en verzamel dat bij je en dat zal jou en hun tot voedsel dienen.

22. En Noach deed alles over­een­komstig wat God hem geboden had, zo deed hij.

 

Copyright © 2004 by
Zwi (H) Goldberg zwigold@netvision.net.il

All rights reserved.
No part of this publication may be reproduces, stored in a retrievalsystem or transmitted, in any form or by
any means, electronic, mechanical, photocpying, recording or otherwise, without prior permission in writing
from the copyright holder

 BEREISJIET

 HOOFDSTUK 1

 HOOFDSTUK 2

 HOOFDSTUK 3

 HOOFDSTUK 4

 HOOFDSTUK 5

 HOOFDSTUK 6

  HOOFDSTUK 7

 HOOFDSTUK 8

 HOOFDSTUK 9

 HOOFDSTUK 10

 HOOFDSTUK 11

 HOOFDSTUK 12

 HOOFDSTUK 13

 HOOFDSTUK 14

4

 HOOFDSTUK 15

 HOOFDSTUK 16

 HOOFDSTUK 17

 HOOFDSTUK 18

 HOOFDSTUK 19

 HOOFDSTUK 20

 HOOFDSTUK 21

 HOOFDSTUK 22

 HOOFDSTUK 23

 HOOFDSTUK 24

 HOOFDSTUK 25

 HOOFDSTUK 26

 HOOFDSTUK 27

 HOOFDSTUK 28

 HOOFDSTUK 29

 HOOFDSTUK 30

  HOOFDSTUK 31

 HOOFDSTUK 32

 HOOFDSTUK 33

 HOOFDSTUK 34

 HOOFDSTUK 35

 HOOFDSTUK 36

 HOOFDSTUK 37

 HOOFDSTUK 38

 HOOFDSTUK 39

 HOOFDSTUK 40

 HOOFDSTUK 41

 HOOFDSTUK 42

 HOOFDSTUK 43

 HOOFDSTUK 44

 HOOFDSTUK 45

 HOOFDSTUK 46

 HOOFDSTUK 47

 HOOFDSTUK 48

 HOOFDSTUK 49

 HOOFDSTUK 50