Indien u in het onderstaande fouten ontdekt, wordt u vriendelijk verzocht dit te melden aan: zwigold@netvision.net.il

Inhoudsopgave Tanach

 

toon commentaar

BEREISJIET (Genesis) – HOOFDSTUK 7

PARASJAT NOACH

7. 1. Toen zei Hasjem tegen Noach: „Ga naar de ark, jij met heel je huis­­gezin, want Ik heb gezien dat jij de enige rechtschapene bent in deze generatie.

2. Neem van de reine dieren van elk zeven mannetjes en zeven wijfjes, en van het vee dat niet rein is, neem je er twee, een mannetje en zijn wijfje.

3. Ook van de vogels in de lucht telkens zeven, een mannetje met zijn wijfje, om nazaad te doen voortleven over heel het aard­oppervlak.

4. Want over nog zeven dagen zal Ik het laten regenen op de aarde, veertig dagen en veertig nachten en dan zal Ik al wat bestaat, wat Ik gemaakt heb, van het aardoppervlak wegvagen.

5. En Noach deed alles zoals Hasjem hem bevolen had.

6. Noach was zeshonderd jaar oud toen de vloed kwam en het water de aarde overspoelde. 7. En toen gingen Noach en zijn zo­nen en zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen met hem de ark binnen vanwege de watervloed.

8. Van het reine vee en van het vee dat niet rein was en van het gevogelte en van alles dat kruipt op de aarde,

9. kwamen zij twee aan twee naar Noach, naar de ark, een mannetje en een wijfje, zoals God het Noach geboden had.

10. Het gebeurde na de zeven dagen dat de watervloed over de aarde kwam. 11. In het zeshonderdste levens­jaar van Noach, in de tweede maand, op de zeventiende dag van de maand, op die dag braken al de bronnen van de grote afgrond los en openden zich de sluizen van de hemel.

12. En het regende veertig dagen en veertig nachten op de aarde.

13. Op diezelfde dag kwam Noach met Sjem, Cham en Jafet, de zonen van Noach, en de vrouw van Noach en de drie vrouwen van zijn zonen met hen, naar de ark.

14. Zij en al de wilde dieren van iedere soort en al het vee van iedere soort en al het kruipende gedierte dat kruipt op de aarde van iedere soort en al de vogels van iedere soort, iedere vogel, al wat vleugels heeft.

15. En zij kwamen naar Noach in de ark; twee aan twee, elk wezen waarin levensgeest was.

16. En zij kwamen, mannetjes en wijfjes, van elk dier kwamen zij, zoals G-d hem geboden had; toen sloot Hasjem voor hem af.

17. Terwijl de vloed veertig dagen op de aarde was, vermeerderde het water zich en tilde de ark op, zodat die zich verhief boven de aarde.

18. En het water steeg en vermeerderde zich zeer op de aarde, en de ark dreef op het water.

19. En het water nam enorm toe op de aarde en bedekte alle hoge bergen die onder de gehele hemel waren. 20. Tot vijftien el daarboven nam het water toe en bedekte de bergen. 21. Toen stierf elk wezen dat zich op de aarde voortbewoog, van de vogels en van het vee en van het wild en van al het wemelende gedierte dat wemelt op aarde, en alle mensen. 22. Alles wat levensadem in zijn neus had, alles wat op het droge was, stierf.

23. Hij vernietigde alles wat er was op het aardoppervlak, van mens tot vee, tot het kruipende gedierte tot de vogels in de lucht werden zij uitgewist van de aarde; alleen Noach overleefde het en die bij hem in de ark waren.

24. Het water bleef honderdvijftig dagen toenemen.

 

Copyright © 2004 by
Zwi (H) Goldberg zwigold@netvision.net.il

All rights reserved.
No part of this publication may be reproduces, stored in a retrievalsystem or transmitted, in any form or by
any means, electronic, mechanical, photocpying, recording or otherwise, without prior permission in writing
from the copyright holder

 BEREISJIET

 HOOFDSTUK 1

 HOOFDSTUK 2

 HOOFDSTUK 3

 HOOFDSTUK 4

 HOOFDSTUK 5

 HOOFDSTUK 6

  HOOFDSTUK 7

 HOOFDSTUK 8

 HOOFDSTUK 9

 HOOFDSTUK 10

 HOOFDSTUK 11

 HOOFDSTUK 12

 HOOFDSTUK 13

 HOOFDSTUK 14

 HOOFDSTUK 15

 HOOFDSTUK 16

 HOOFDSTUK 17

 HOOFDSTUK 18

 HOOFDSTUK 19

 HOOFDSTUK 20

 HOOFDSTUK 21

 HOOFDSTUK 22

 HOOFDSTUK 23

 HOOFDSTUK 24

 HOOFDSTUK 25

 HOOFDSTUK 26

 HOOFDSTUK 27

 HOOFDSTUK 28

 HOOFDSTUK 29

 HOOFDSTUK 30

  HOOFDSTUK 31

 HOOFDSTUK 32

 HOOFDSTUK 33

 HOOFDSTUK 34

 HOOFDSTUK 35

 HOOFDSTUK 36

 HOOFDSTUK 37

 HOOFDSTUK 38

 HOOFDSTUK 39

 HOOFDSTUK 40

 HOOFDSTUK 41

 HOOFDSTUK 42

 HOOFDSTUK 43

 HOOFDSTUK 44

 HOOFDSTUK 45

 HOOFDSTUK 46

 HOOFDSTUK 47

 HOOFDSTUK 48

 HOOFDSTUK 49

 HOOFDSTUK 50